loading
views

Kostprijs 2015 tips & tricks

Marcel Reijmers, FSGroep

Kostprijs 2015 tips & tricks
De berekening van de kostprijzen die gelden voor het nieuwe jaar zorgen op menig (hoofd)kantoor weer voor de nodige stress. Een onjuiste berekening kan de marge negatief beïnvloeden of u juist te duur maken t.o.v. de concurrentie. Zaak dus om het hele proces rondom kostprijsbepaling zorgvuldig aan te pakken. In dit artikel geven we daar een aantal handvatten voor. De uiteindelijke berekening zult u natuurlijk zelf moeten maken en daar bent u ook zelf verantwoordelijk voor. Marcel Reijmers van FlexKnowledge neemt u mee in de berekeningen voor 2015.

Laatste update: 4 november 2014


Waar bestaat de kostprijs uit?


De kostprijs bestaat uit een aantal elementen. Onderstaande lijst bevat de meest gangbare elementen.

  • De looncomponenten
    • Brutoloon
    • Wachtdagcompensatie
    • Reserveringen voor vakantiedagen, feestdagen en kortverzuim/bijzonder verlof
    • Vakantiegeld
  • Werkgeverscomponenten die volgen uit de CAO
    • Aanvulling ziektewet van 70 naar 90/91%
    • Pensioenpremie
    • Afhankelijk van de contractvorm
      • Premie sociaal fonds
      • Scholing
      • Kosten voor leegloop en verzuim
  • Werkgeverslasten
    • Premie sectorfonds
    • Premie WAO/WIA
    • Gedifferentieerde premie Whk
    • Premie zorgverzekeringswet
    • Premie werkloosheidswet
    • Voorziening voor de transitievergoeding
  • Opslag voor kosten van de eigen organisatie

Wij hebben bovenstaande elementen in een excel-document verwerkt dat u als hulpmiddel kunt gebruiken. Als u deze sheets invult, krijgt u een beeld van de voorcalculatorische of commerciële kostprijs.

> Download Excel-document


Welke kostprijzen zijn er?


Er zijn eigenlijk twee ‘soorten’ kostprijsfactoren: de voorcalculatorische of commerciële kostprijsfactor en de nacalculatorische of ‘echte’ kostprijsfactor.

Voorcalculatorische kostprijsfactor
Dit is het getal waarmee het bruto uurloon wordt vermenigvuldigd om de kostprijs te berekenen. Daarbovenop komt de bureaumarge om het tarief voor de klant te bepalen. Vaak worden kostprijsfactor en marge gecombineerd tot één getal en dat is dan de tarieffactor of de omrekenfactor.
De hoogte van de voorcalculatorische kostprijsfactor is vrij arbitrair en kan op vele manieren worden samengesteld. Als over ‘de kostprijs’ wordt gesproken, wordt eigenlijk altijd deze variant bedoeld.

Nacalculatorische marge
Waar in de voorcalculatorische kostprijs voor elke kandidaat hetzelfde uitgangspunt wordt gehanteerd, worden in de nacalculatorische kostprijs individuele situaties berekend. Tijdens de verloning wordt bijvoorbeeld rekening gehouden met de franchise voor de pluspensioenregeling en afdrachtverminderingen. Deze nacalculatorische kostprijs kan dus per individu en per verloning anders zijn. De exacte waarde wordt bepaald in het verloningspakket.

De voorcalculatorische kostprijs wordt vaak berekend op basis van een aantal aannames en houdt bijvoorbeeld geen rekening met franchises. Daarom is er na de verloning een (meestal positief) verschil tussen deze en de ‘echte’ kostprijs. Dat is de verborgen marge. Hoe hoog die moet zijn, is een strategische keuze. In de praktijk is het zo dat naarmate overheadkosten van de organisatie hoger zijn, ook de commerciële kostprijs hoger is.


Welke elementen zijn al bekend?


Looncomponenten
Deze zijn nog niet allemaal bekend. De minimumlonen voor 2015 zijn inmiddels gepubliceerd. De reserveringspercentages zijn ook bekend.

Werkgeverscomponenten die volgen uit de CAO

Totaal over Brutoloon Werkgeversdeel Werknemersdeel
Premie Basisregeling 2,6% 2,6% n.v.t.
Premie Plusregeling nog niet bekend* nog niet bekend* nog niet bekend*
Franchise Plusregeling nog niet bekend* n.v.t. n.v.t.

* Op dit moment zijn de premie voor de Plusregeling en de uurfranchise voor 2015 nog niet bekend. De franchise wordt definitief, zodra deze door StiPP is gepubliceerd en wordt daarna in dit artikel opgenomen. Gezien de ervaringen van de afgelopen jaren is de verwachting dat de uurfranchise stijgt van € 5,88 naar € 5,92 of € 5,93. Meer informatie over de wijzigingen in de pensioenregeling vindt u hier.

  • De premie sociaal fonds en scholing zijn onveranderd.
  • De kosten voor leegloop en verzuim zijn volledig organisatie-afhankelijk, die zult u dus zelf moeten bepalen.

Werkgeverslasten
De sectorpremies en de sectorale premies voor de werkhervattingskas zijn bekend, al gepubliceerd in de Staatscourant en dus definitief. De premie Werkhervattingskas wordt op ondernemingsniveau door de Belastingdienst meegedeeld en dat kan nog even op zich laten wachten. De premies voor WW, WIA en Zorgverzekering zijn wel bekend gemaakt in de Rijksbegroting, maar nog niet gepubliceerd in de Staatscourant. Die zouden dus nog kunnen veranderen.

De manier waarop de werkgeverslasten in de kostprijs moeten worden verwerkt is sinds 2014 ingrijpend veranderd en het is vrijwel onmogelijk dat in dit artikel tot in detail uit te leggen. Een samenvatting vindt u hier. Voor 2015 zijn er op dit gebied geen grote veranderingen te melden.
De premie sectorfonds is bekend. Sinds 2014 is er geen kortings-, midden- of opslagklasse meer en ook geen verschil meer tussen wel of geen eigenrisicodragerschap.

  • De premie WAO/WIA is bekend. Sinds 2014 is hierin ook de premie Kinderopvang opgenomen.
  • De gedifferentieerde premie Whk krijgt u van de Belastingdienst te horen of van uw verzekeraar als u eigen risicodrager bent.
  • De premie ZVW is bekend.
  • De premie WW is bekend.

Vanaf juli 2015 krijgt u te maken met de transitievergoeding. Die moet betaald worden aan werknemers waarvan u minimaal twee jaar (opvolgend) werkgever bent geweest als u besluit geen nieuwe arbeidsovereenkomst meer te geven. Deze vergoeding moet betaald gaan worden over het volledige arbeidsverleden bij uw eigen organisatie en de organisaties waarvan u opvolgend werkgever bent. Dit laatste is vooral voor payrollers belangrijk om rekening mee te houden. Wij adviseren hier een voorziening voor op te nemen in de kostprijs of met de inleners afspraken te maken hierover.

Kosten van de eigen organisatie
Of en hoeveel u van deze kosten in de berekeningen wilt meenemen, is een strategische keuze. Wij zien steeds vaker dat deze kosten niet of nauwelijks worden meegenomen in de kostprijsberekening, omdat de inleners transparantie vragen op dit gebied.


De berekeningen


Met het excel-document, de al bekende informatie en enkele aannames over uw eigen situatie kunt u nu al een behoorlijke inschatting maken van de kostprijs voor 2015. De grootste onbekenden daarin zijn op dit moment nog de premie voor de aanvulling ziektewet, de pensioenpremie van StiPP en de gedifferentieerde premie werkhervatingskas als u een middelgrote of grote onderneming bent.

Naarmate er komende weken meer bekend wordt, kunt u de berekening voor uw eigen organisatie steeds nauwkeuriger maken.

Als u er met het standaard excel-document niet helemaal uitkomt, behoefte heeft aan een nauwkeuriger berekening of andere ondersteuning nodig heeft bij de kostprijsberekening, kunt u hiervoor contact opnemen met FlexKnowledge.
Zodra alle kostprijselementen definitief zijn, hebben wij een geavanceerde tool beschikbaar om u hierbij te helpen. Als u op de hoogte gehouden wilt worden, meldt u zich dan hier alvast aan.


De tarieven


De meeste organisaties hebben in de Algemene Voorwaarden vastgelegd dat aanpassingen van de kostprijs en de lonen altijd worden doorberekend aan de inlener. Daarnaast moet u natuurlijk kritisch kijken naar het kostenniveau van uw eigen organisatie. Periodieken en loonsverhogingen voor uw eigen medewerkers, een huurverhoging van uw kantoren, stijging van de leasekosten van het wagenpark, u wilt het eigenlijk allemaal doorbelasten aan uw inleners. In hoeverre dat haalbaar is, kunt alleen uzelf bepalen. En daarom is het dus noodzakelijk snel inzicht te krijgen in de kosten voor 2015. Met dit artikel hopen wij u daarmee goed op weg te hebben geholpen!

Auteur: Marcel Reijmers, FlexKnowledge, november 2014

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek