loading
views

Flexbranche geeft de toekomst een 6,9 (was 6,6)

Flexbranche geeft de toekomst een 6,9 (was 6,6)

Flexbranche geeft de toekomst een 6,9 (was 6,6) en ziet verdere groei van het optimisme.

De vierde FlexVertrouwenIndex van Dzjeng & FaseVijf laat zien dat flexbureaus opnieuw positiever zijn over de toekomst.

40% ziet meer optimisme bij opdrachtgevers
Sinds het voorjaar van 2013 voorzien zij het langzaam aankomende herstel al met hun voorzichtige en groeiende optimisme. Inmiddels ziet zo’n 40% van de flexbureaus optimistische werkgevers / opdrachtgevers. Volgens de flexbureaus zullen werkgevers daarom iets meer personeel nodig hebben. Opvallend is dat, ondanks de snel gestegen en inmiddels hoge werkloosheid, een vijfde van de flexbureaus krapte ervaart op de arbeidsmarkt, vooral in techniek, financiële dienstverlening en kennisintensieve zakelijke dienstverlening.

FlexVertrouwenIndex december-januari 2014

1. Gemiddeld geeft de flexbranche de toekomst een 6,9 (vorig kwartaal was dat nog een 6,6, en daarvoor een 6,2).

  • Middelgrote bureaus en werkmaatschappijen geven de toekomst met een 7,3 een iets hoger cijfer dan de kleine en de (zeer) grote bureaus (ongeveer een half punt).
  • Bureaus die relatief sterk gericht zijn op detachering of op werving & selectie geven de toekomst met cijfers tussen 6 en 6,7 een wat lager cijfer.
  • De bureaus die bemiddelen naar informaticafuncties zijn met gemiddeld een 7,2 het meest enthousiast over de toekomst. De bureaus die bemiddelen naar agrarische en administratieve functies zijn met een 6,7 juist wat minder enthousiast.
  • De bureaus die personeel leveren aan Vervoer en logistiek en Overige zakelijke dienstverlening wijken als enige duidelijk af van het gemiddelde; ze zijn het minst positief en geven de toekomst een 6,7.

2. Verder groei van het waargenomen optimisme (van 31% naar 39%). Ook lichte stijging van de werkgelegenheid verwacht, in combinatie met blijvende stijging van de vraag naar tijdelijk personeel:

  • Ondernemersklimaat – nog 56% ervaart onzekerheid bij klanten, per saldo ervaart 35% (zeer veel) optimisme bij klanten. Dit laatste is weer een verbetering t.o.v. het vorige kwartaal, toen per saldo 24% (zeer veel) optimisme ervoer bij klanten.
  • Werkgelegenheid – 35% verwacht gelijkblijvende werkgelegenheid bij werkgevers in Nederland, per saldo verwacht 51% een stijging van de werkgelegenheid. Dit is een enorme verbetering t.o.v. het vorige kwartaal, toen per saldo 21% een stijging verwachtte.
  • Vraag naar (tijdelijke) werknemers – 25% verwacht dat de vraag naar tijdelijke werknemers door werkgevers gelijk zal blijven, per saldo verwacht 60% (lichte) groei van de vraag. Dit is een verdere verbetering t.o.v. het vorige kwartaal, toen per saldo 51% (lichte) groei verwachtte.
  • Margepercentage – 65% verwacht dat de marge op geleverde tijdelijke werknemers gelijk zal blijven, per saldo verwacht 4% een daling van de marge. Dit is weer een verbetering t.o.v. het vorige kwartaal, toen per saldo 11% een daling verwachtte.

3. Krapte op de arbeidsmarkt ervaren door een vijfde van de flexbureaus

  • 66% ervaart geen krapte en stelt dat er voldoende geschikte kandidaten beschikbaar zijn. Bovendien stelt 14% dat er (zeer) veel geschikte kandidaten beschikbaar zijn. Er is nu geen duidelijk patroon naar functies of sectoren herkenbaar.
  • Zelfs nu ervaart 20% dat er te weinig geschikte kandidaten beschikbaar zijn.
  • Deze krapte geldt vooral voor technische beroepen en in de financiële en de kennisintensieve zakelijke dienstverlening.

Over de FlexVertrouwenIndex (FVI)
In december 2014 is de vierde meting uitgevoerd ten behoeve van de FlexVertrouwenIndex (FVI) van Dzjeng & FaseVijf. Aan het onderzoek, dat elk kwartaal wordt uitgevoerd, hebben 80 vertegenwoordigers van flexbureaus deelgenomen. Zij representeren alle bureau-formaten en zijn samen gericht op alle mogelijke beroepsgroepen en bedrijfssectoren.

De flexbranche ervaart – via de vraag van alle bedrijfssectoren naar vooral tijdelijk personeel – als één van de eerste sectoren wat er in de economie en op de arbeidsmarkt gaat gebeuren. De FVI meet het goed geïnformeerde vertrouwen in en gevoel over de toekomst – de economische groei in de komende 6 maanden – van functionarissen op prominente posities in de flexbranche. De FVI levert met deze verwachting – leading indicator – een uniek inzicht en een relevante aanvulling op de harde cijfers over de gerealiseerde feiten – uren en omzet; lagging indicators – die frequent worden gepresenteerd door de Algemene Bond Uitzendondernemingen (ABU) en door het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS).

Daarnaast biedt de FVI inzicht in de ruimte of krapte op de arbeidsmarkt. Terwijl de werkloosheid in Nederland zich bevindt op niveaus die we al lang niet meer hebben ervaren, staat de vergrijzing voor de deur en zouden we zo maar weer snel een krappe arbeidsmarkt kunnen hebben. De FVI meet en toont of en in welke beroepsgroepen en sectoren er krapte wordt ervaren door de flexbranche.

Bron: Dzjeng en FaseVijf, 22 januari 2014

 

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek