loading
views

Tido Vesta verdacht van oplichterij uitzendkrachten

Uitzendbureau Tido Vesta volgens de Telegraaf verdacht van oplichterij

Het bedrijf Tido Vesta uit Maasdijk, met ruim zevenhonderd Poolse uitzendkrachten in de glastuinbouw, zou voor miljoenen euro’s aan loon hebben achtergehouden door middel van een dubbele boekhouding en valse loonstroken hebben gebruikt. Dit blijkt uit onderzoek van De Telegraaf.

Intimidatie
Volgens de krant werden Poolse werknemers die over de gang van zaken hun mond open trokken geïntimideerd en in sommige gevallen zwaar mishandeld.

Administratie in beslag genomen
Justitie deed een half jaar geleden een inval bij Tido Vesta. Daarbij werd de administratie in beslag genomen. Tido Vesta erkent dat, maar spreekt tegen een valse boekhouding er op na te houden en Poolse werknemers te hebben geïntimideerd.

SNCU vs Tido Vesta
Op 26 februari 2013 heeft het Hof het lang verwachte arrest gewezen in de zaak tussen SNCU en Tido Vesta Nederland B.V. De SNCU is bij dagvaarding in hoger beroep gekomen tegen de eerder gewezen vonnissen van de rechtbank van 2009 en 2010. De reden voor de SNCU hiervoor was omdat de kantonrechter de door de SNCU vastgestelde materiële benadeling heeft afgewezen.

Het onderzoek van de SNCU tegen deze uitzendonderneming loopt al sinds 2006. In dat jaar heeft de SNCU een controle ter plaatse van Tido Vesta uitgevoerd op de naleving van de CAO. Tijdens deze controle zijn overtredingen vastgesteld met een indicatieve schadelast van € 804.498. Op basis hiervan is ook een schadevergoeding aangezegd van € 51.751. Gezien het uitblijven van medewerking van Tido Vesta tijdens de vervolgprocedure heeft de advocaat van de SNCU de onderneming gesommeerd om tot betaling van de aangezegde schadevergoeding en vergoeding van de buitengerechtelijke kosten over te gaan. Hiermee is een gerechtelijke procedure gestart die lang heeft geduurd (zie eerder gewezen vonnissen)

Tijdens de hoger beroep procedure heeft Tido Vesta een aantal noemenswaardige bezwaren aangevoerd:

– Tido Vesta stelt er vraagtekens bij of SNCU wel degelijk met terugwerkende kracht kan controleren over periodes dat de Cao voor Uitzendkrachten algemeen verbindend was verklaard. Het hof verwerpt het aangehaalde bezwaar op dit punt en verenigt zich met het oordeel van de kantonrechter. De controlebevoegdheid van de SNCU kan immers slechts achteraf- wanneer alle relevante gegevens beschikbaar zijn, waaronder de loongegevens over de voorbije periode- worden uitgeoefend. Indien de bevoegdheden van de SNCU zouden eindigen bij het verstrijken van de duur van de verbindendverklaring, zouden deze deels illusoir worden en zo de handhaafbaarheid van de CAO sterk verminderen.
– Tido Vesta stelt zich op het standpunt dat de SNCU geen naleving van de CAO kan verlangen omdat een volmacht of procesbevoegdheid ontbreekt. De SNCU zou nog een aparte volmacht moeten hebben naast de algemene delegatiebepaling in de reglementen. Ook dit bezwaar wordt door het hof verworpen. Hierbij merkt het hof nog op, anders dan de kantonrechter, dat ook de Reglementen en Statuten zijn vermeld in het besluit van de minister van 13 september 2005 tot algemeen verbindendverklaring van de betreffende CAO. De controlebevoegdheid van de SNCU is dus niet komen te vervallen bij het einde van de AVV.
– Tido Vesta klaagt vervolgens over dat de bevoegdheden van de SNCU in strijd zouden zijn met de wet, en dan met name met artikel 10 van de Wet AVV. SNCU zou niet bevoegd zijn controles uit te voeren omdat de Arbeidsinspectie controles naar AVV bepalingen kan instellen. Bovendien moet volgens Tido Vesta de SNCU worden aangemerkt als een particuliere politiemacht. Het hof verwerpt ook deze klacht, waarbij ze aangeeft dat SNCU een door werkgevers en werknemers gezamenlijk in het leven geroepen controle-orgaan is die zeker niet in strijd zou zijn met de bedoelingen van de wetgever.
– Tido Vesta beweert ook dat de SNCU bij uitoefening van haar controlebevoegdheden de bepalingen van de Wet Bescherming Persoonsgegevens zou overtreden. Deze stelling heeft Tido Vesta echter niet nader onderbouwd waardoor het hof deze ook niet aannemelijk acht. Daarbij verwijst hij ook naar het reglement dat wel als zodanig waarborgen bevat ten aanzien van het omgaan met de gegevens.
– Ook de stelling van Tido Vesta dat de Wet AVV niet legitimeert en zich er tegen verzet dat SNCU nakoming vordert van in essentie individuele arbeidsovereenkomsten, vindt ook geen steun in het recht en wordt door het hof dus verworpen.

Met betrekking tot de toewijzing van de vordering van SNCU tot betaling door Tido Vesta van de forfaitaire schadevergoeding van € 51.751 wordt ook een aantal klachten ingediend:

– Tido Vesta haalt aan dat een CAO-bepaling die bepaalt dat een schadevergoeding moet worden betaald aan een “derde” (dus de SNCU) op grond van de Wet AVV niet algemeen verbindend zou kunnen worden verklaard. Het hof verwerpt dit bezwaar en stelt simpelweg vast dat de SNCU geen “derde” is maar een door CAO-partijen opgerichte stichting die haar bevoegdheden gedelegeerd heeft gekregen. Er is door de minister ook niet voor niets overgegaan tot algemeen verbindendverklaring.
– Voorts betwist Tido Vesta dat sprake is van daadwerkelijk geleden schade en stelt dat SNCU deze ook niet heeft aangetoond. Het hof acht voldoende aannemelijk dat werkgevers- en werknemersverenigingen door het handelen van Tido Vesta schade hebben geleden in de vorm van onder andere een verlies van vertrouwen en prestige bij hun leden, en aantasting van hun werfkracht ten aanzien van het aantrekken van nieuwe leden. De aard van de schade leent zich dus voor een begroting van de schade naar billijkheid. De wijze waarop dit ingevolge van artikel 26 lid 2 van de CAO geschiedt, waarbij rekening wordt gehouden met alle daarin vermelde omstandigheden, is daarmee in overeenstemming. Van de werkgevers- en werknemersverenigingen kan in geval als dit in redelijkheid niet worden verlangd dat ze hun schade concreet begroten.

Het hof bekrachtigt het gewezen tussenvonnis van 2 april 2009 en vernietigt het gewezen eindvonnis van 1 juli 2010, voorzover daarbij de vorderingen van SNCU op Tido Vesta tot naleving van de CAO en medewerking aan een hercontrole zijn afgewezen.

Het Hof veroordeelt Tido Vesta tot:

– het verplicht corrigeren van de vastgestelde overtredingen conform het controlerapport, aldus tot het verrichten van nabetalingen aan (ex)medewerkers ter hoogte van € 804.498;

– het meewerken aan een hercontrole;

– het betalen van een forfaitaire schadevergoeding ad € 51.751;

– betaling van de kosten van het geding in hoger beroep, aan de zijde van de SNCU tot op heden begroot op € 359,08 aan verschotten, € 3262 aan salaris advocaat in principaal appel en € 1631 aan salaris advocaat in incidenteel appel.

Bron: Telegraaf, 12 oktober 2013

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek