loading
views

Ontslag jeugdbeschermer vanwege verdenking gewelddadig gedrag tegen zijn kinderen


Ontbinding arbeidsovereenkomst jeugdbeschermer wegens verdenking gewelddadig gedrag jegens zijn kinderen. Vergoeding C=1,3

De kantonrechter te Amsterdam heeft zich op 2 september 2013 uitgelaten over het verzoek van werkgever om de arbeidsovereenkomst van een werknemer te ontbinden, wegens het feit dat werknemer verdacht werd van gewelddadig gedrag jegens zijn kinderen.

Feiten
Werknemer is sinds 2007 in dienst bij werkgever als jeugdbeschermer. Op 16 juni 2013 is door oma de politie gebeld, omdat de oudste zoon aan haar had aangegeven dat hij door zijn vader (werknemer) is geslagen en dat zijn zusje bij haar nek de woning is ingesleurd. De vader is aangehouden voor verhoor, waarna hij na twee dagen is vrijgelaten en de hechtenis is opgeheven. De politie heeft mondeling en schriftelijk een zorgmelding gedaan. Werkgever heeft vervolgens bij brief werknemer opgeroepen voor een gesprek op 20 juni 2013, omdat hij niet was komen opdagen op zijn werk. Tijdens dit gesprek heeft werknemer verklaard dat hij in hechtenis zat en heeft hij de achtergrond van de hechtenis uitgelegd. Werkgever heeft vervolgens werknemer op non-actief gesteld en heeft tevens aangekondigd dat het dienstverband met werknemer zou worden beëindigd. Werkgever heeft vervolgens zowel de cliënten van werknemer als zijn collega’s geïnformeerd over de non-actief stelling en daarbij ook de verwachting uitgesproken dat werknemer niet meer zou terugkeren.

Verzoek werkgever
Werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Volgens werkgever levert het handelen van werknemer primair een dringende reden op en subsidiair is sprake van een wijziging van omstandigheden, omdat werkgever geen vertrouwen heeft in de samenwerking met een jeugdbeschermer, zoals werknemer, die van geweld jegens zijn kinderen wordt verdacht.

Verweer werknemer
Werknemer betwist dat sprake zou zijn van een dringende reden voor ontslag en dat er ook geen overige gewichtige redenen zijn die een ontbinding van de arbeidsovereenkomst zonder meer rechtvaardigen. Werknemer verzoekt voor het geval dat de kantonrechter de arbeidsovereenkomst toch zal ontbinden om aan hem een vergoeding toe te kennen met correctiefactor C=2. Volgens werknemer heeft hij zijn zoon niet heeft geslagen en ook zijn dochter niet bij de nek gegrepen. Werknemer geeft aan dat werkgever enkel afgaat op de verklaringen van minderjarige kinderen die een lange historie hebben van gedrags- en autoriteitsproblemen. Volgens werknemer geldt in het arbeidsrecht net zoals in het strafrecht de onschuldpresumptie. Werknemer legt diverse verklaringen over, waaruit blijkt dat de jongste zoon heeft verklaard dat er niets aan de hand was, dat de oudste zoon en dochter beiden onder pedagogische behandeling hebben gestaan en dat bij de oudste zoon ADHD is vastgesteld. Daarnaast wordt gesteld dat de moeder de opvoeding niet aankon en derhalve heeft gevraagd of de kinderen bij werknemer konden gaan wonen.

Beoordeling kantonrechter
De kantonrechter oordeelt dat een gewelddadige gedraging van een jeugdbeschermer als reden kan worden aangemerkt om de arbeidsovereenkomst te ontbinden. Echter, de kantonrechter stelt vast dat in deze situatie alleen sprake is van het feit dat de werknemer is verhoord over een mogelijke gewelddadige gedraging. Niet is vastgesteld dat werknemer de gedraging heeft begaan of dat de werknemer nog steeds als verdachte wordt aangemerkt. De kantonrechter oordeelt dat ook in het arbeidsrecht geldt dat iemand onschuldig is, zolang zijn schuld niet is komen vast te staan. Werkgever heeft ter onderbouwing van het ontbindingsverzoek alleen de schriftelijke zorgmelding van de politie ingebracht. Werknemer heeft naar werkgever toe direct openheid van zaken gegeven en heeft met betrekking tot zijn hechtenis geen informatie achtergehouden. Werkgever heeft naar aanleiding hiervan geen nader onderzoek ingesteld of de verkregen informatie nagetrokken. Werkgever is derhalve ten onrechte afgegaan op de verklaring van twee minderjarige pubers in de zorgmelding, althans de kantonrechter. De kantonrechter stelt dan ook vast dat geen sprake is van een dringende reden op grond van de aangeleverde stukken. Echter, door de kantonrechter wordt wel vastgesteld dat door de gehele situatie de verhouding tussen partijen ernstig verstoord is geraakt. Werkgever heeft zonder eigen onderzoek de verklaring van de twee kinderen met bekende opvoedingsproblemen gevolgd en de werknemer op non-actief gezet. Volgens de kantonrechter is dit besluit door werkgever zowel intern als extern bekend gemaakt op een manier, waardoor terugdraaiing van dit besluit nauwelijks tot de mogelijkheden behoort. Werkgever kan hiervoor een verwijt worden gemaakt, aldus de kantonrechter. Tegen deze achtergrond beslist de kantonrechter dat de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden, met toekenning van een vergoeding aan werknemer van een bedrag van EUR 30.000, met correctiefactor C= 1,3.

Bron: Rechtbank Amsterdam: ECLI: NL: RBAMS: 2013:6016

Voor meer informatie over de uitspraak of over Van Diepen van der Kroef Advocaten: stuur een email naar mw. mr. Marijke Oosterom Van Diepen Van der Kroef Den Haag, tel. 070 360 3151 of naar mw. mr. Babs Dubois – Van Kleef Van Diepen Van der Kroef Haarlem, tel. 023 542 42 92.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek