loading
views
1 reacties
Jaco Coster

Participeren, wat krijgen we nou?

Jaco Coster is zelfstandig ondernemer en onder meer trainer bij Artra en Falke & Verbaan en associate bij Professionals in Flex. Zijn meer dan 30 jarige ervaring op de thema’ s arbeid en gezondheid in zowel staf- als directiefuncties past hij direct toe bij het adviseren en ondersteunen van zowel brancheorganisaties als individuele werkgevers. Voordat hij zelfstandige werd, was hij directeur ZW bij het UWV. X

Participeren, wat krijgen we nou?

‘Als u zegt dat ik nog kan werken, zegt u dan ook maar waar ik kan beginnen.’
‘Dan moet u mij maar eens uitleggen hoe ik aan voldoende inkomen kom.’

Het zijn opmerkingen die ik vroeger als arbeidsdeskundige veelvuldig moest aanhoren en die zo kenmerkend zijn voor burgers die gewend zijn aan de verzorging door de overheid: de ‘verzorgingsstaat’.

Het begin, dit jaar precies 70 jaar geleden
Toen de commissie van Rhijn in 1943 van onze regering in ballingschap de opdracht kreeg om een blauwdruk te maken van een allesomvattend sociaal zekerheidsstelsel (met zorg voor allen die als gevolg van ouderdom, ziekte of werkloosheid niet meer in hun bestaan kunnen voorzien) was daar veel voor te zeggen.
Met marginale wetgeving, zoals een Ongevallen- en een Invaliditeitswet, werd de allerergste nood in die tijd enigszins geledigd. Maar meer ook niet. De verhalen over mensonterende toestanden kennen we nog slechts uit overlevering, het is geschiedenis geworden. Nederland, voor Wereldoorlog II een typische ‘nachtwakersstaat’, moest worden omgevormd naar een verzorgingsstaat.

1.000.000 WAO’ers?
Het schrikbeeld van de negentiger jaren. De WAO – bij de invoering in 1967 een zeer vooruitstrevende wet – voorzag in alle financiële gevolgen van een medisch geduide beperking. Het bleek een onverwacht grote aanzuigende werking te hebben. Het geschatte maximum van 100.000 – 200.000 uitkeringsgerechtigden werd al snel overschreden.
De uitleg van de wet dat het niet kunnen realiseren van passend werk altijd het gevolg is van de ‘handicap’ zolang het tegendeel niet is bewezen (de zogenaamde verdiscontering van de werkloosheid) in combinatie met een gegarandeerd welvaartsvast inkomen, maakte van de WAO een veilige en gewilde vluchtplaats. Dé oplossing voor werkgevers, werknemers en vakbonden bij problemen van boventallig personeel, arbeidsconflicten, oudere en disfunctionerende werknemers. Tja, wie deed er eigenlijk niet mee in dit spel zonder nieten?
Het water stroomt altijd naar het laagste punt. In de negentiger jaren was de WAO uiteindelijk onbetaalbaar geworden. ‘Nederland is ziek’ riep Lubbers en verbond zijn premierschap aan het niet behalen van de grens van 1.000.000 WAO’ers.

De vervuiler betaalt
Sindsdien is de wetgeving in een hoog tempo veranderd. Het principe van ‘de vervuiler betaalt’ loopt als een rode draad door die veranderingen heen, zeker in de arbeidsongeschiktheidswetgeving. Moest de werkgever in 1994 bij ziekteverzuim 6 weken loon doorbetalen (kleine werkgevers zelfs maar 2 weken), sinds 2004 is dat maar liefst 104 weken geworden. Ook de eisen aan de re-integratieactiviteiten zijn strikt voorgeschreven (Wet Verbetering Poortwachter). Het niet of onvoldoende naleven daarvan, kan zomaar een sanctie opleveren van nog een extra jaar loondoorbetaling.
Sinds 1 januari van dit jaar zijn bovendien vergelijkbare eisen ingevoerd voor ex-werknemers met de modernisering van de Ziektewet.

Naar een participerende werknemer
Volgens wet- en regelgeving zijn werkgever en werknemer in gelijke mate verantwoordelijk voor een snelle en adequate re-integratie. Op papier ja, maar is het ook zo in de praktijk? Mijn ervaring is van niet.

De werkgever neemt bijna automatisch de leidende rol op zich, de werknemer is volgend.
Na 8 weken moet een plan van aanpak door beiden worden opgesteld. Ik zie zelden dat de werknemer daarmee een start maakt en de regie neemt – of opeist. Ik ken wel arbodiensten die het plan van aanpak alvast invullen, lekker makkelijk! Dan zijn werkgever en werknemer beide volgend.

De oproep in de troonrede voor een participerende samenleving lokte ongekend veel – vooral kritische – reacties uit. Van dat soort oproepen zijn we niet gediend als ‘kinderen’ van een langdurige verzorgingsstaat.

Het afbreken van de verzorgingsstaat? Geen zinnig mens die dat wil. Maar meer eigen initiatief en een grotere verantwoordelijkheid voor het eigen handelen en het oplossen van problemen, wat is daar eigenlijk mis mee?

Zullen we eens beginnen de werknemer de regie te geven bij het opstellen van het plan van aanpak? En dan ook maar bij de verdere uitvoering daarvan?

De participerende werknemer? Ik denk dat het kan en dat het wat oplevert. Wie durft?

Jaco Coster

Reacties op dit artikel

  • Auteur: Edo Paardekooper Overman Datum:

    Dan gaan we voor het gemak er maar even vanuit, dat iedere werknemer de daarvoor benodigde kennis en vaardigheden bezit .. hè?
    Dat lijkt mij in ieder geval zeker niet voor de hand liggen, toch?
    Dus een zekere gedeelde verantwoordelijkheid, en waar werknemers niet over de benodigde kennis en vaardigheden beschikken, neemt de andere partij het voortouw. Laten we zeggen, om het speelveld wat gelijkwaardig te houden, dat de overheid dat dan doet ..
    Bijvoorbeeld ?!

Reageren:

*

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek