loading
views
0 reacties
Ed van Viegen

Een andere blik op kwartaalcijfers van Adecco

Ed van Viegen is verbonden aan Greyt, netwerk van branche gespecialiseerde controllers en financieel directeuren. Opgeleid als registeraccountant, richt hij zich op bedrijven in de flexmarkt. Hier kan hij zijn passie voor klantgerichtheid, efficiënte bedrijfsvoering en cijfers kwijt. Van Viegen werkte eerder onder andere bij PwC, Vitae, Manpower en FSGroep. In zijn blogs bekijkt hij cijfers van uitzenders op een andere manier en schrijft hij over het MKB vanuit de actualiteit. X

Column Ed van Viegen – Adecco’s kwartaalcijfers

Als je Adecco over een langere periode vanuit de gerapporteerde kwartaalcijfers analyseert dan vallen een aantal zaken op. Zo is er sprake van een grote mate van vergelijkbaarheid op het financiële deel van de gerapporteerde kwartaalpresentaties, ondanks wisselingen in de wacht op CEO niveau. Daarnaast is er een opvallend verschil in groei en krimp tussen het Benelux smaldeel en de Adecco vloot waar te nemen. Tenslotte blijkt het Zwitsers uurwerk enigszins te haperen als het om vergelijkbaarheid van de mate van winstgevendheid gaat.

Een Zwitsers precisie uurwerk
Nee, dan heb ik het niet per se over de performance. Of de beurskoers. Maar wel over de wijze waarop de kwartaalcijfers aan analisten gedurende langere tijd zijn gepresenteerd. Over de door mij bekeken kwartalen wijzigde hooguit de positie van de sheets in de powerpoints. Een dankbare situatie natuurlijk, als je zoals ik de historische performance van het bedrijf vanuit een langere termijn perspectief wilt analyseren. En best bijzonder tegen de achtergrond van een aantal wisselingen van de wacht op CEO niveau. Zo losten in de periode 2005-2011 achtereenvolgens Jérôme Caille, Dieter Scheiff en Patrick de Maeseneire elkaar af. Dus bij Adecco is er sprake van elkaar opvolgende CEO’s die zaken van elkaar overnemen. Dat is niet vaak vertoond in de wereld van beursgenoteerde multinationals, waar de eerste 100 dagen worden gebruikt om veel van het erfgoed van de voorganger af te breken. Zou de CFO Dominik de Daniel voor die consistentie hebben gezorgd? Waarschijnlijk wel, maar hij kwam ook pas in 2007 in deze positie. Hoe dan ook, een opvallende consistentie. O ja, wat ook nog wijzigde was de plaats van waaruit de cijfers aan de buitenwereld werden gepresenteerd. Dat was altijd het vanuit het pittoreske Glattbrugg, een gehucht van 18.000 inwoners. Dat vond men vanaf 2006 waarschijnlijk te gortig worden, want via Lausanne wordt er inmiddels vanuit Zürich uitgezonden. Een nadere beschouwing van Google Maps leert dat er geen hoofdkantoorverhuizing aan te pas zal zijn gekomen. Eerder is er opnieuw sprake van Zwitsers precisiewerk. Glattbrugg ligt ingeklemd tussen stedelijk Zürich en (welbekend) vliegveld Kloten. O zo praktisch, maar naar buiten toe toch maar gewoon Zürich genoemd. En die ene keer vanuit Lausanne zal geweest zijn omdat de degelijke Zwitsers vast langer dan 1 kwartaal nodig hadden om tot een besluit te komen over de keuze Glattbrug of Zürich. Dan maar even neutrale grond. Afijn, de cijfers.

Stabieler beeld Benelux dan wereldwijd
Sinds jaar en dag toont Adecco alleen cijfers in ons gebied op Benelux niveau. Nederland wordt per kwartaal nooit als aparte markt gerapporteerd.
Opvallend is dat de downturn als gevolg van de bankencrisis in 2009 zowel als het herstel daarna in de Benelux minder heftig zijn dan het wereldwijde beeld bij Adecco.

Adecco revenue growth per Q, Column Ed van Viegen

Het dieptepunt ligt wereldwijd circa 10 procentpunten lager en in de upswing is het verschil nog fors groter. Daarnaast lijkt Adecco in de Benelux markt ook wat trager veranderingen in revenue groei te ondergaan dan voor Adecco als geheel geldt. Ditzelfde effect ontdekte ik eerder in een analyse van Randstad. Toen trok ik de voorzichtige conclusie dat het feit dat de Benelux (waar Nederland het grootste aandeel in heeft) een mature markt is, voor een beperktere volatiliteit zorgt. De cijfers van Adecco onderstrepen die hypothese. Bij Adecco is te zien dat een regio zoals Frankrijk in 2009 met 28% krimpt tegenover 23% voor de Benelux. In hersteljaar 2010 stijgen Frankrijk en Noord-Amerika met 19% tegen 16% in de Benelux. Bij deze cijfers is het van belang te weten dat de Benelux goed is voor 5% van het totaal en Frankrijk en Noord Amerika voor 30% respectievelijk 20%.

Iets minder precisie in winstbeeld
Als je de winstgevendheid van de Benelux-regio afzet tegen de wereldwijde winst dan valt op dat de wijze waarop die winst wordt gemeten iets minder constant verloopt dan (inmiddels) van Adecco gewend. Ja, de winstgrondslag is steeds EBITA, Earnings Before Interest Taxes & Amortization. Geen ongebruikelijk winstbegrip in de wereld van de corporates. De EBITA is ook keurig voor de Benelux terug te vinden. Het corporate nagestreefde EBITA% is ook vrij stabiel. Over de jaren 2005-2007 5%. In het crisisjaar 2008 werd er wijselijk maar geen streven genoemd. Om na de bankcrisis en ook volgehouden in de eurocrisis een winstpercentage van 5,5% na te streven. Ach, het mag van aandeelhouders altijd meer zijn natuurlijk. Wat opvalt is dat de winstgevendheid in de Benelux over de jaren 2005-2006-2007 niet wordt gegeven. Wel is de groei van de winst ten opzichte van het jaar ervoor beschikbaar. Weliswaar in nogal sterk fluctuerende cijfers van 27% winstdaling tot 313% winststijging. Na enig eigen rekenwerk moet ik concluderen dat ik er geen chocola van kan maken. Ik beperk me daarom maar tot de kwartalen vanaf Q1 2008.

Adecco EBITA % World, EBITA % Benelux, Column Ed van Viegen

Wat als eerste opvalt is natuurlijk de dip in de Benelux in Q2 2009. Op het voor uitzenders dieptepunt van de bankencrisis trof Adecco wereldwijd forse reorganisatievoorzieningen. En dus ook in de Benelux. Voor deze regio betekende dat een extra kostenpost van € 10 mln die de Benelux in dat kwartaal diep in de min drukte.
Daarnaast valt in bovenstaande grafiek op dat de uitslagen in de Benelux groter zijn dan bij Adecco WorldWide en ook later tot stand komen. Grotere uitslagen zijn verklaarbaar, immers gaat op groepsniveau de dempende wet van de grote getallen gelden. De vertraging zal ook hier zijn te verklaren vanuit hetgeen ik eerder benoemde rond de ontwikkeling van Revenue. Adecco als geheel is trouwens nog behoorlijk ver verwijderd van haar ambitie van 5,5% winstgevendheid. En de verhoging van deze ambitie van 5% naar 5,5% lijkt het leven van de gemiddelde Adecco-er er zeker niet gemakkelijker op te maken.

Conclusies
Zo is Adecco dus zeer stabiel in de wijze waarop wordt gerapporteerd. Een Zwitsers precisie uurwerk. Met af en toe een schrikkelseconde. Want het inzicht in de winstgevendheid van de regio’s is pas sinds 2008 goed op orde. Al zal de Nederlandse markt zeer nieuwsgierig blijven naar de opsplitsing van de Benelux cijfers per land. Daar moeten we het voorlopig doen met de jaarlijkse omzetranglijst. De Zwitsers zullen uit zich zelf niet zo snel tot een wijziging besluiten.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek