loading
views

STOOF: komende twee jaar 100 bbl-trajecten voor uitzendkrachten in de metaalindustrie

STOOF online.nl

25 juni 2012

STOOF bereidt in samenwerking met A+O een nieuwe bbl-traject voor in de metaalindustrie. Het is de bedoeling dat van de 300 bbl-trajecten zo’n 100 zittende flexkrachten meedoen.

Zowel Randstad, Tempo Team, Maintec en Werk & Vakmanschap hebben al aangegeven mee te willen werken.

Het project wordt een vervolg op een eerdere pilot, Flexwerkers Techniek 2010-2011, waarbij A+O, OOM en STOOF hebben samengewerkt. “We hebben daarin met elkaar absoluut iets bijzonders neergezet”, aldus Adriana Stel, directeur STOOF in een terugblik op die pilot.

Van 1 juli 2012 tot 1 oktober 2014 – 5 instroommomenten
Mariëtte Schoonaard, regiomanager STOOF, zegt over het vervolg: “Het nieuwe project heeft een looptijd van 1 juli 2012 tot 1 oktober 2014 en zal 5 instroommomenten kennen. A+O heeft aangegeven zich dit keer te willen richten op 300 bbl-trajecten op niveau 2,3 en 4, waarbij het streven is dat een derde van dit aantal ingevuld wordt met zittende uitzendkrachten. Een vast dienstverband voor onbepaalde tijd in de techniek is een van de doelstellingen. Ambitieuze plannen, waar we opnieuw de medewerking van betrokken flexorganisaties in de verschillende regio’s van ons land bij zoeken. Alle flexorganisaties die aan de voorwaarden voldoen, kunnen zich inschrijven!”

A+O en STOOF zijn het inmiddels eens geworden over de kernpunten van het nieuwe project en hopen dat ook OOM weer aan zal sluiten. Erik Yperlaan, directeur OOM: “De instroom is hard nodig en het is nu zaak de aanpak te verduurzamen. Ik zie daarom alle aanleiding om verder te gaan met het project.”

Deelname uitzendbureaus
In totaal werden in de periode van juli 2010 tot oktober 2011 meer dan 150 flexkrachten opgeleid bij een erkend leerbedrijf. “Een prachtig resultaat”, volgens Hedwig Vermeulen van onderzoeksinstituut ITS. “De doelstellingen zijn grotendeels bereikt: A+O plaatste in samenwerking met 7 flexorganisaties en STOOF maar liefst 102 leerlingen bij 31 bedrijven, oftewel gemiddeld 3 per bedrijf. Er is een redelijke landelijke spreiding bereikt en 63% van de leerlingen was 20 jaar of ouder.”

Extra instroomkanaal
Uit de resultaten van de pilot bleek meerwaarde voor alle betrokken partijen. “Leerlingen hebben meer kans hun opleiding af te maken en krijgen betere begeleiding van zowel het leerbedrijf als de flexorganisatie. Leerbedrijven krijgen meer en betere leerlingen aangeleverd die voor langere tijd ‘op proef’ genomen kunnen worden. Flexorganisaties kunnen flexkrachten een breder perspectief bieden en hun wervingsgebied vergroten. En de sector heeft een extra instroomkanaal”, aldus Vermeulen.

Zittende uitzendkrachten
Dedan Schmidt, directeur A+O: “Ondanks ‘commerciële concurrentie’ hebben zowel de flexorganisaties als A+O, OOM en STOOF goed weten samen te werken om te komen tot een succesvol project. We zijn er met elkaar in geslaagd extra instroom te bewerkstelligen, ook al zijn veel bedrijven door de economisch onzekere situatie terughoudend. Bovendien is een derde van de instroom gevormd door zittende uitzendkrachten.”

Inschrijving van uitzendorganisaties voor deelname is mogelijk. Meer informatie vindt u in de bron.

Bron: STOOF, 14 juni 2012

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek