loading
views

Uitzendrichtlijn: Gelijke behandeling werknemer en uitzendkracht

Rijksoverheid

17 april 2011

Wetsvoorstel implementatie uitzendrichtlijn vandaag door eerste kamer.

Op grond van de Wet allocatie van arbeidskrachten door intermediairs (WAADI) geldt dat ter beschikking gestelde arbeidskrachten op dezelfde wijze moeten worden beloond als vergelijkbare werknemers bij de inlener.

Uitzendrichtlijn
Met het wetsvoorstel ter implementatie van de uitzendrichtlijn 2008/104/EG dat op 6 maart 2012 door de Tweede Kamer is aangenomen, wordt dit gelijke behandelingsvoorschrift uitgebreid tot: arbeidstijd, overuren, pauzes, rusttijden, nachtarbeid, vakantie, feestdagen, regels ter bescherming van zwangere vrouwen en zogende moeders en van kinderen en jongeren en maatregelen ter bestrijding van discriminatie op grond van geslacht, ras of etnische afstamming, godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele gerichtheid.

Van het gelijke behandelingsvoorschrift kan alleen bij cao worden afgeweken en alleen voor zover het betreft niet wettelijke voorschriften met betrekking tot de hiervoor genoemde onderwerpen.

Het wetsvoorstel zal vandaag, op 17 april 2012, in de Eerste Kamer als hamerstuk worden afgedaan.

Samenvatting uitzendrichtlijn
Op 19 november 2008 is Richtlijn 2008/104/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie betreffende uitzendarbeid (PbEU 2008, L 327) tot stand gekomen. De richtlijn heeft tot doel de bescherming van uitzendkrachten te garanderen, de kwaliteit van het uitzendwerk te verbeteren en de volledige naleving te waarborgen van artikel 31 van het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie. Deze bepaalt dat iedere werknemer recht heeft op gezonde, veilige en waardige arbeidsomstandigheden en op een beperking van de maximumarbeidsduur en op dagelijkse en wekelijkse rusttijden, alsmede op een jaarlijkse vakantie met behoud van loon. Dit gebeurt door de naleving van het in artikel 5 van de richtlijn vervatte beginsel van gelijke behandeling ten aanzien van uitzendkrachten te waarborgen, en uitzendbureaus als werkgever te erkennen. Daarbij dient rekening te worden gehouden met de noodzaak om een geschikt kader te creëren voor de gebruikmaking van uitzendwerk teneinde bij te dragen tot de schepping van werkgelegenheid en de ontwikkeling van flexibele arbeidsvormen.

Bron: Eerste Kamer, april 2012

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek