loading
views

Ontslag wegens Facebook-belediging

4 april 2012

Een belediging op Facebook is een dringende reden voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst.

De Rechtbank Arnhem oordeelde dat er sprake was van een dringende reden voor ontbinding van de arbeidsovereenkomst. Werknemer had op Facebook een bericht geplaatst waarbij hij zijn leidinggevende en werkgeefster op grovelijke wijze had beledigd.

Feiten
Werknemer is op 2 januari 2012 in dienst getreden bij werkgeefster in de functie van magazijnmedewerker. Werknemer heeft voordat hij in dienst trad als uitzendkracht voor werkgeefster gewerkt. Op 16 januari 2012 heeft werkgeefster een brief met een officiële waarschuwing aan werknemer gezonden. Aanleiding voor deze brief was het gedrag van werknemer nadat hij geen voorschot had gekregen van werkgeefster. Werknemer gedroeg zich na het gesprek met werkgeefster opgefokt en heeft zich negatief uitgelaten over de werkgeefster op Facebook.

Geschorst na bericht op Facebook
Echter, op 2 februari 2012 heeft werknemer wederom een bericht op Facebook geplaatst met de volgende tekst: “X wat een hoerebedrijf spijt dak er ben gaan werken en die mensen ook d er werken vooral me teamleider wat een gore achter de ellebogen nijmegseple nep wout je ken aan die kkstreken van hem wel merken dat hij uit nijmegen ko en wout uis geweest de hoerestumperd ooit komt mij dag en geloof me dan st ze te janken kkhomo’s”.
Op 2 februari 2012 heeft werkgeefster werknemer vervolgens geschorst met behoud van loon.

Vordering werkgeefster en werknemer
Werkgeefster heeft daarop de kantonrechter verzocht de arbeidsovereenkomst met werknemer te ontbinden, primair wegens dringende redenen, zijnde tevens gewichtige redenen in de zin van de wet, subsidiair wegens wijziging van omstandigheden zijnde tevens gewichtige redenen in de betekenis van artikel 7:685 BW. Voorts diende er volgens werkgeefster geen vergoeding aan werknemer te worden toegekend omdat de billijkheid dat niet met zich meebrengt. Werknemer meent dat de ontbinding moet worden afgewezen en zo niet, dat er een vergoeding van € 3.800,36 bruto diende te worden betaald.

Beoordeling rechtbank
De kantonrechter heeft het ontbindingsverzoek op de primaire grondslag met onmiddellijke ingang toegewezen. Een vergoeding is dan volgens de kantonrechter niet aan de orde en moet worden afgewezen.
Naar het oordeel van de kantonrechter heeft werknemer met het bericht geplaatst op Facebook van 2 februari 2012 zijn werkgeefster op grovelijke wijze beledigd. Met vrijheid van meningsuiting heeft dit bericht niets te maken. Die vrijheid wordt overigens begrensd door de beginselen van zorgvuldigheid die werknemer jegens werkgeefster in acht dient te nemen.

Ondanks excuses
Als goed werknemer had werknemer dit bericht niet behoren te plaatsen. Voor werknemer was geen enkele aanleiding om zich publiekelijk uit te laten op de wijze zoals hij op 2 februari 2012 heeft gedaan. De enkele omstandigheid dat de direct leidinggevende van werknemer de excuses van werknemer heeft geaccepteerd, staat het oordeel van de kantonrechter – dat er sprake is van een dringende reden in de zin der wet – niet in de weg. Werknemer heeft niet alleen zijn direct leidinggevende maar ook zijn werkgeefster op grove wijze beledigd.

Vriendenkring
Dat werknemer het bericht kort na ontvangst van de brief van 2 februari 2012 uit Facebook heeft verwijderd kan werknemer evenmin baten. Dat is mosterd na de maaltijd, aldus de kantonrechter. Ook het argument dat Facebook tot het privédomein behoort, is naar het oordeel van de kantonrechter onjuist, daar werknemer aldus miskent dat het privékarakter van Facebook betrekkelijk is, zo ook het begrip “vrienden”. In dit geval heeft één van de collega’s van werknemer, die kennelijk tot de “vriendenkring” van werknemer behoort, werkgeefster van het bericht van 2 februari 2012 op de hoogte gesteld. Zo hebben ook anderen van de uitlating van werknemer kennis kunnen nemen. Werknemer miskent bovendien dat met het plaatsen van het bericht op Facebook er het risico van re-tweten is, welk risico met zich meebrengt dat ook anderen dan de “vrienden” van werknemer kennis kunnen nemen van het bericht in kwestie.

Arbeidsovereenkomst ontbonden
Te meer daar werknemer een gewaarschuwd man was moet de grovelijke wijze van belediging van werkgeefster aangemerkt worden als een dringende reden in de zin van wet op grond waarvan van werkgeefster niet kan worden gevergd dat zij de arbeidsovereenkomst met werknemer voortzet. De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden, de vergoeding afgewezen en de proceskosten gecompenseerd in die zin dat beide partijen de eigen kosten dragen.

Conclusie
Steeds meer worden werkgevers geconfronteerd met de manier waarop werknemers zich gedragen op sociale media. Het gedrag kan grote gevolgen hebben voor de arbeidsrelatie, zoals blijkt uit bovenstaande zaak. Het verdient aanbeveling voor werkgevers om gedragsnormen vast te leggen in een sociale media protocol. Ook werknemers zelf dienen zich te realiseren dat de werkgever mee kan kijken via sociale media. Zo kan bijvoorbeeld door middel van Facebook blijken dat een arbeidsongeschikte werknemer toch niet zo arbeidsongeschikt is.

Bron: Rechtbank Amsterdam, 19 maart 2012, www.rechtspraak.nl, LJN-nr: BV9483

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek