loading
views

Verslag tweede SETU congres over digitale gegevensuitwisseling flexbranche

SETU

9 september 2011

Op 8 september werd het tweede SETU congres gehouden.

> Zie ook het verslag van het congres door NOiV en bekijk de foto’s

De voortgang bij de toepassing van open standaarden voor elektronische gegevensuitwisseling in de flexbranche stond centraal.

Zijn we opgeschoten?
Twee jaar na het eerste congres in Den Haag organiseerde de SETU samen met Nederland Open In Verbinding (NOiV, noiv.nl) haar tweede congres. In Nieuwegein hadden zich zo’n 50 mensen verzameld toen Erik Gerritsen, ambassadeur open standaarden en open source bij het NOIV, de middag opende. Hij zette met humor en scherpe vragen de toon voor de middag.

Activistisch
Ineke Schop, programmamanager bij het NOiV, kreeg het woord. Ze gaf met een onderhoudend overzicht van de stand van zaken in ‘standaardenland’. Het NOiV heeft als een van haar belangrijkste doelstellingen de markt opener te maken, zodat ook kleinere bedrijven mee kunnen doen. Open standaarden helpen daarbij, maar ze worden vaak verward met open software. Dat leidt vaak tot verhitte discussies, terwijl open standaarden en open software los van elkaar kunnen bestaan. Ook gesloten bedrijfseigen software kan prima met open standaarden communiceren.
Het NOiV stelt zich praktisch en ‘activistisch’ op in het bevorderen van open standaarden en helpt waar mogelijk. Bijvoorbeeld door het beschikbaar stellen van een beheer- en ontwikkelmodel waarbinnen de standaarden kunnen ontstaan. Belangrijk resultaat van de inspanningen is de “pas toe of leg uit” lijst van open standaarden. Hierop vindt men de standaarden die kansrijk zijn om breed te worden gebruikt.
De SETU Standaarden staan op deze lijst. Met daarbij een compliment voor de uitzendwereld: De SETU Standaarden zijn ‘bottom up’ ontstaan, vanuit de branche zelf. Vaak is er veel druk nodig om in een markt het proces van standaarden in gang te zetten. Als er een doorbraak is, kan het de verhoudingen binnen een markt sterk beinvloeden, bijvoorbeeld doordat op een voorheen gesloten markt met enkele dominante aanbieders opeens veel nieuwe partijen een kans krijgen.

SETU bij de Overheid
De Overheid past de SETU standaarden inmiddels toe, zo vertelt Toon Warnier, Inkoop portfoliomanager personeel voor het Rijk. Vanuit het Ministerie van Binnenlandse Zaken kijkt hij naar de behoefte van ministeries. Hoe kan deze worden samengevoegd en strategisch worden aangepakt? Een van de punten waarop winst kan worden geboekt is de ‘handling kosten’ van de inleen via de uniformering van werkprocessen. Standaarden als van de SETU spelen hierbij een belangrijke rol.
Ook werkzaam bij Binnenlandse Zaken is Menno van Drunen, programmamanager e-factureren en DigiInkoop. Binnen het standaardiseren van de inkoop speelt gegevensuitwisseling een belangrijke rol. De doelstellingen van DigiInkoop zijn slimmer inkopen, makkelijker inkopen en rechtmatig inkopen met de juiste contracten en de juiste leveranciers. SETU is geaccepteerd als standaard voor de gegevensuitwisseling en wordt nu geïmplementeerd voor het Rijk. Het project zit in de testfase en wordt binnenkort bij een aantal ministeries uitgerold.

Standaarden: helemaal of helemaal niet
Tijdens het congres ontstaat een interessante discussie als Ineke Schop verwoordt wat het grootste gevaar van standaarden is: de ‘net-niet-implementatie’. Ze zegt: “Je moet een standaard helemaal accepteren of invoeren, of je kunt het net zo goed niet doen.” En laat er nu een goed voorbeeld van ‘net niet’ zijn: DigiInkoop. Menno van Drunen moet het project daardoor verdedigen. Op een paar punten komen de SETU standaarden tekort volgens de gedefinieerde processen bij DigiInkoop. Menno van Drunen geeft aan dat het wijzigingsproces voor aanpassing van de standaard is doorlopen, en dat de SETU werkgroepen akkoord zijn met de voorgestelde wijzigingen, maar het SETU bestuur heeft ze nog niet heeft goedgekeurd.
Dagvoorzitter Erik Gerritsen grijpt zijn kans en zet SETU bestuurslid Hetty Braam onder druk. Zij geeft aan dat standaarden langzaam en beheerst moeten wijzigen; veel partijen maken er immers gebruik van. Het SETU-bestuur komt volgende week bij elkaar. DigiInkoop heeft daar niet op gewacht en de standaard inclusief wijzigingen al doorgevoerd. De situatie is een treffend voorbeeld van het spanningsveld tussen standaarden en toepassing.

Waarom is SETU een succes
De dagvoorzitter vraagt aan de drie sprekers waarom de SETU standaarden een succes zijn geworden. Ineke Schop somt een aantal redenen op. Volgens haar is het belangrijk dat het vanuit de branche (‘bottom up’) is ontstaan. Dat de standaarden simpel zijn gehouden heeft ook bijgedragen aan het succes. Derde reden is dat het beheer en de doorontwikkeling van de standaarden goed is geregeld: er is een stichting voor opgericht en de hulp van TNO is ingeroepen. Maar het belangrijkste is toch die samenwerking in de branche. Zij vindt dit ook het mooiste aan haar werkgebied: mensen met elkaar laten samenwerken.
Menno van Drunen geeft nog een belangrijke succesfactor bij het ontstaan van de SETU Standaarden: “We hebben het gewoon gedaan. Daarvan is geleerd en ze zijn bijgesteld vanuit de praktijkervaring. Het is geen papieren excercitie.”

Leveranciers
Vervolgens was er aandacht voor een viertal korte presentaties van leveranciers van tijdregistratie-oplossingen: ATPS, Kronos , Atimo en Nedap. Waarom juist deze vier leveranciers hiervoor waren uitgekozen, werd niet duidelijk. Er zijn zo veel meer leveranciers die de SETU Standaarden voor ‘het werkbriefje’ ondersteunen. Het is daarnaast voor een congres als dit ook de minst interessante van alle standaarden. Simpel omdat dit al behoorlijk algemeen aanvaard en veel gebruikt wordt. Hoe zit het met de standaarden voor aanvragen/vacatures, plaatsingen en facturen? Voor die standaarden is nog veel missiewerk te doen, voorbeeldcases te presenteren. Dat heeft de ‘Timecard’ niet meer nodig.

De presentaties van de vier leveranciers vertoonden grote overlap. De een is een wereldspeler, de ander richt zich volledig op de bijzondere Nederlandse situatie. Alle bieden ze mogelijkheden tot het vastleggen van uren, al dan niet via eigen ‘kastjes’ zoals Kronos en Nedap. Tijdregistratie, aan- en afwezigheidsregistratie, planning, toegangsbeveiliging, kostenplaats- en projectenregistratie leken aanwezig bij de eerste drie. Nedap-PEP positioneerde zich verfrissend anders door eigenlijk alleen te vertellen over hun kernwaarde ‘eenvoud’. Zij maken die hele tijdregistratie zo eenvoudig en schaalbaar mogelijk met als doel dat er meer tijd is voor de commercie.
Alle vier de leveranciers ondersteunen de SETU Standaard. Ze kunnen de uren in hun systemen ook exporteren of verzenden als HR-XML. Nedap-PEP kent dit zelfs als de enige mogelijkheid.
De voordelen van de SETU Standaarden worden door alle bevestigd: Je hoeft het maar één keer te maken en te testen en daarna kan het aan iedereen worden aangeboden. Het maakt niet uit naar wie of welk systeem de uren worden gestuurd als je gebruikt maakt van de standaarden. De standaarden zorgen voor een eenvoudiger koppelingsproces, en dat maakt het voor klanten mogelijk te wisselen van leverancier. Nedap is de SETU zo dankbaar voor de standaarden dat het bedrijf ze ook in het buitenland promoot. Binnenkort gaat de eerste koppeling naar een backoffice-systeem in Duitsland live.

Discussie
Na de pauze stond een discussie met de vier leveranciers op de agenda. De dagvoorzitter weerde zich kranig maar kon met de stellingen geen levendig gesprek op gang brengen. Vraag aan willekeurige leveranciers van elektronische tijdregistratie-systemen of het papieren werkbriefje tot het verleden zal gaan behoren en het weinig verrassende antwoord is dan natuurlijk ‘ja’. Evenals het feit dat de standaarden helpen om koppelingen te vereenvoudigen en implementaties te versnellen.
De tweede stelling was ‘Zijn de verwachtingen van zeven jaar geleden waargemaakt?’, refererend aan het ‘MANIFEST van PLEIN U’ dat in oktober 2004 werd opgesteld. De leveranciers, die niet alle op de hoogte waren van waar het toen over ging, gaven daarop een voorzichtig ‘ja’. Geen oppositie uit de zaal, maar ook geen volmondige bevestiging. De leveranciers zijn tevreden over de standaard. Ze zien nog wel wat discussies over de doorbelasting van de kosten van de koppelingen die zij allen, behalve Nedap-PEP, rekenen. Dat bemoeilijkt soms de toepassing. Uit de zaal komt de opmerking dat je het succes moet afmeten aan het percentage uren dat op dit moment elektronisch wordt verwerkt. Is er iemand dat weet? Het blijft stil. Vertegenwoordigers van Randstad en USG People geven aan dat meer dan 50% van de urenregistratie elektronisch wordt gedaan. Maar het wordt niet duidelijk hoeveel daarvan via hun eigen websites verloopt en hoeveel via SETU berichten.
De stelling dat de standaarden zorgen voor kostenreductie leidt tot wat gelach in de zaal, maar er volgt geen helder ja of nee.

UWV
Het woord gaat daarna snel naar Martin Harms, plaatsvervangend directeur UWV Werkbedrijf. Hij beschrijft de ingrijpende reorganisatie waar het UWV voor staat, nu het budget in vier jaar wordt gehalveerd. In deze ‘re-design van het UWV Werkbedrijf’ speelt digitalisering een belangrijke rol. Veel vestigingen worden gesloten en de dienstverlening wordt toenemend verplaatst naar het internet. Er wordt meer nadruk gelegd op de plichten van werkzoekenden om gebruik te maken van de door het UWV aangeboden diensten. Die worden steeds vaker elektronisch aangeboden. Elke werkzoekende krijgt zijn eigen ‘werkmap’, het ‘e-portfolio’ waarin banen en sollicitaties worden verzameld.
Het bij elkaar brengen van vraag en aanbod van werk is de hoofdtaak van UWV Werkbedrijf. Het bieden van transparantie op deze markt hoort daar ook bij. Allerlei verschillende websites en gegevensuitwisselingen dragen daar niet aan bij. Het gebruik van standaarden helpt wel en is daarom in het belang van het UWV. De banden tussen het UWV en de uitzendbranche worden steeds verder aangehaald. De SETU Standaarden spelen hierbij een belangrijke rol. Uit de zaal komt de opmerking dat er in de inhoud, de gebruikte velden en betekenissen nog veel verschil zit tussen de uitzendwereld en het UWV. Martin Harms geeft aan dat er bij het UWV grote bereidheid is om dit verschil kleiner te maken.

Afsluiting
Hetty Braam, bestuurslid van de SETU, sluit de bijeenkomst af. Zij wijst op de positieve ontwikkelingen rondom de standaarden, zoals het feit dat het UWV participant is geworden van de SETU en UWV nu actief meewerkt aan de standaard voor de uitwisseling van vacature gegevens.
Hetty Braam doet tot slot de oproep: “Niet alleen de standaarden zijn open, maar ook de SETU zelf. De SETU is er voor ons en door ons. Word lid of abonnee.”

Verslag: Marcel Kolff

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek