loading
views

SNCU-SNA convenant: ‘een grote stap vooruit’

Logo

24 februari 2011

Op 11 februari 2011 hebben de Stichting Normering Arbeid (SNA) en de Stichting Naleving CAO voor Uitzendkrachten (SNCU) het convenant gegevensuitwisseling in Nieuwspoort te Den Haag ondertekend.

Op die dag kwamen uitzendkoepels, opdrachtgevers van uitzendbureaus, private en publieke controle- en inspectie-instellingen in het perscentrum van politiek Den Haag ‘Nieuwspoort’ bij elkaar om getuige te zijn van de ondertekening van het convenant ‘Gegevensuitwisseling’ door SNA en SNCU. Drie vertegenwoordigers van SZW, SNA en SNCU kwamen aan het woord: respectievelijk Jan van den Bos (Arbeidsinspectie (Ai), de Sociale Inlichtingen en Opsporingsdienst (SIOD) en de Inspectie Werk en Inkomen), de heer Bruls (in het dagelijks leven burgemeester van Venlo) en de heer Waleson.

Generaal Inspectie SZW
“Vandaag zijn we getuige van een tamelijk uniek voorbeeld van een publiek – private samenwerking”: aldus Van den Bos. “We gaan ons niet alleen richten op uitzendbureaus, maar ook op de inleners van die uitzendbureaus. Zo zal de Arbeidsinspectie zich richten op de inleners en bij overtredingen doorpakken naar de uitzendbureaus waarmee de inlener zaken doet,” aldus Van den Bos.

Maatregelen
Maatregelen die SZW tot nu toe heeft genomen tegen niet-gecertifeerde uitzendbureaus zijn:

  • bij betaling onder het wettelijk minimumloon kan de Belastingdienst alsnog loonbelasting heffen;
  • alleen geregistreerde bedrijven krijgen toestemming een zogenaamde G-rekening te openen;
    registratieplicht bij de Kamer van Koophandel – ook bedrijven die geen vaste vestigingsplaats hebben (de zogenaamde 06-busjes) en bedrijven die vanuit het buitenland in Nederland actief zijn moeten zich gaan registreren. Inleners die zaken doet met een niet bij de KvK geregistreerd bureau lopen het risico op een bestuurlijke boete.

Extra check legitimiteit
Van den Bos onderkent ook het belang van informatieverstrekking vanuit de overheid naar de markt, bijvoorbeeld als extra check op de legitimiteit van de certificering of beoordeling of de CAO wordt nageleefd. “We zijn nog lang niet klaar, maar vandaag zetten SNA en SNCU met dit convenant een belangrijke stap”.

SIOD

Ook de SIOD is inmiddels bijzonder actief in de uitzendsector. Van den Bos: “Bijna 20% van de opsporingsonderzoeken van de SIOD heeft betrekking op de uitzendbranche.”

Aanscherping beleid SNA en samenwerking
De heer Bruls, voorzitter SNA, heeft twee naast elkaar bestaande trends opgemerkt.
Hoewel er afgelopen jaren een flinke stijging van het aantal gecertificeerde ondernemingen merkbaar is, worden ook relatief veel bedrijven uitgeschreven waarbij na tussentijdse inspecties blijkt dat zij niet meer aan de norm voldoen. Je kunt niet kritiekloos in dit register blijven, aldus Bruls. “Sommigen denken dat als je er eenmaal in zit, je dan gebakken zit. Het tegendeel is waar.”

De SNA gaat daarom het beleid aanscherpen, onder meer in samenwerking met de Arbeidsinspectie. Bruls benadrukt verder dat thema’s als CAO-naleving en huisvesting niet vallen onder de SNA norm: “Dat is wel iets waar de SNA last van heeft, met name als het gaat om de beeldvorming.” De SNA voorzitter doet een beroep op de sociale partners in de betreffende sectoren om een einde te maken aan de discussie hierover.

“Naast de discussies over CAO en huisvesting moet de SNA ook zelfstandig zijn verantwoordelijkheid nemen om de kwaliteit van de eigen norm te blijven verbeteren”, aldus Bruls. Samenwerking met de SNCU past in dat kader en moet niet het eindpunt zijn, maar het beginpunt voor verdere normaanpassing en hoe je samenwerking kunt verbreden. Bruls ziet dit convenant als inspiratie voor andere private partijen om zich bij SNA aan te sluiten: “op deze wijze wordt de norm vanuit de markt bezien nog begerenswaardiger en maken we het handhavingsnet nog sluitender naar de bokken die niet deugen.”

Een grote stap vooruit

Volgens heer Waleson, voorzitter SNCU, is dit convenant een grote stap vooruit in de bestrijding van malafide praktijken in de uitzendwereld. Deze samenwerking kan bijdragen aan een samenleving met duurzaam gezonde arbeidsverhoudingen. Ondanks de nodige stappen (door werkgevers, vakbonden en de overheid) zijn malafide praktijken nog steeds wijdverbreid, zowel in de uitzendbranche als daarbuiten. Veel werknemers én bonafide werkgevers hebben daaronder te lijden. Dat bleek recent nog uit een in opdracht van de SNCU uitgevoerd onderzoek. “Het goede nieuws is, dat er nog veel kan gebeuren om het net rond malafide praktijken te sluiten,” aldus Waleson.

Verscherping handhaving
De SNCU voorzitter stelt verbetering van de handhavingsaanpak voor en vrijwaring van inlenersinsprakelijkheid: “een logische keerzijde van een hardere en gerichtere handhavingsaanpak zal zijn dat de bonafide bedrijven worden ontlast.” Waleson noemt de volgende punten:

  • verbetering verheldering CAO’s en betreffende arbeidswetten en informatie;
  • betere naleving CAO van en binnen de inlenende bedrijfstakken;
  • samenwerking en informatie-uitwisseling tussen handhavers;
  • opleggen van hardere sancties, voor zowel uitzenders als inleners;
  • snel registratieplicht invoeren;
  • vrijwaring van inlenersaansprakelijkheid.

Het convenant in het kort
De SNCU gaat uitzendbureaus aan de SNA melden die niet mee willen werken aan het CAO-onderzoek of de vastgestelde CAO-overtreding niet willen herstellen. SNA gaat uitzendbureaus bij de SNCU melden die niet in het register worden toegelaten of uit het register worden verwijderd. De melding van de SNCU kan uitschrijving uit het openbare SNA register tot gevolg hebben en de melding aan de SNCU kan de start zijn van een CAO-nalevingsonderzoek.

Gerelateerd nieuws
> SNCU en SNA: aanpak malafiditeit in de uitzendbranche een feit
> Handhaving SNCU voor StiPP
> CNV Vakmensen werkt samen met SNCU
> SNCU: meer cao-controles in 2011
> Uitzendbureaus verplicht tot registratie

Bron: SNCU, 21 februari 2011

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek