loading
views

Inlenersaansprakelijkheid | Invorderingswet 1990 | IW 1990

Inlenersaansprakelijkheid
De Invorderingswet 1990 | IW 1990 regelt de rechten en plichten als het gaat om het betalen, het te laat betalen of niet betalen van belastingen, andere dan invoerrechten en accijnzen. De wet regelt ook dat bedrijven soms aansprakelijk kunnen worden gesteld (als bestuurder, inlener of aannemer) voor belastingschulden van een ander.



Inning belastingschuld
In vergelijking met soortgelijke wetgeving in het buitenland, is de Nederlandse Invorderingswet relatief vergaand. Zo mag een belastingschuldige gegijzeld worden totdat hij de schuld betaalt en mag de belastingschuld bij een zogeheten aansprakelijkgestelde (iemand anders dan de belastingplichtige) geïnd worden. Dat laatste gebeurt o.a. in de volgende gevallen:

  • keten- en inlenersaansprakelijkheid: aannemers en inleners zijn aansprakelijk voor de niet door uitleners afgedragen loonbelasting;
  • bestuurdersaansprakelijkheid: de bestuurder van een rechtspersoon kan aansprakelijk gesteld worden voor de belastingschulden van die rechtspersoon;
  • bodemrecht: de voorwerpen die zich op het terrein van de belastingschuldige bevinden, kunnen voor executoriale verkoop in beslag genomen worden, ook als een derde eigenaar is van die voorwerpen.

Keten- en Inlenersaansprakelijkheid
De ketenaansprakelijkheid houdt in dat de aannemer die een werk (verder) uitbesteedt aan een onderaannemer, aansprakelijk is voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen en de premies werknemersverzekeringen die de onderaannemer verschuldigd is maar niet heeft betaald.

De inlenersaansprakelijkheid houdt in dat de inlener van arbeidskrachten aansprakelijk is voor de loonbelasting/premie volksverzekeringen, de premies werknemersverzekeringen en de omzetbelasting die de werkgever (uitlener) verschuldigd is maar niet heeft betaald.

De Belastingdienst kan de aannemer of inlener de rekening voor de niet-betaalde premies en belastingen sturen. De inlener kan echter door de Belastingdienst niet aansprakelijk gesteld worden voor boetes. Sinds juli 2012 kunnen inleners onder bepaalde voorwaarden worden gevrijwaard van de inlenersaansprakelijkheid.

Deze mogelijke vrijwaring, die zijn grondslag vind in de artikel 34 en 35 IW 1990, is nader uitgewerkt in de Uitvoeringsregeling inleners-, keten- en opdrachtaansprakelijkheid 2004.

Controlesystematiek
In reactie op de inlenersaansprakelijkheid zijn vanuit de flexbranche initiatieven genomen om werkgevers te laten controleren op hun betalingsgedrag en zo zichtbaar te maken met welke werkgevers inleners betrouwbaar zaken kunnen doen. In de afgelopen jaren is de controlesystematiek zich ook sterk gaan richten op het vaststellen door de werkgever van de juiste identiteit van de werknemer en diens gerechtigd zijn tot het verrichten van arbeid. Goed beoordeelde werkgevers krijgen het zogenaamde NEN 4400 certificaat en worden opgenomen in een register, in het bijzonder het Register Stichting Normering Arbeid (SNA).

NEN 4400 certificaat
Voor het starten van een onderneming in de flexbranche is het verplicht een juiste inschrijving in het handelsregister te verrichten er is echter verder geen vergunning nodig. Wel zijn er steeds meer inlener CAO’s die eisen dat flexibele arbeid alleen kan worden ingehuurd bij bureaus die NEN 4400 gecertificeerd zijn.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek