loading
views

Principeakkoord CAO Voortgezet Onderwijs 2008-2010



16 september 2008

Naam

CAO Voortgezet Onderwijs

CAO-teksten
> Principeakkoord CAO Voortgezet Onderwijs 2008-2010

> CAO Voortgezet Onderwijs 2007-2008 (verlengd)

Looptijd
1 juli 2008 tot 1 augustus 2010

Loonmutaties
1 juli 2008 structureel 3,0%, met een ondergrens gebaseerd op het maximum van schaal 4
1 oktober 2009 structureel 3,0%, met een ondergrens gebaseerd op het maximum van schaal 4
Structurele verhoging van de eindejaarsuitkering van 0,5% in december 2008
Structurele verhoging van de eindejaarsuitkering van 0,5% in december 2009
De beide loonsverhogingen werken conform de daarvoor geldende systematiek door in pensioenen en uitkeringen. De verhoging van de eindejaarsuitkering werkt volgens de daarvoor geldende voorschriften door in het pensioengevend inkomen.
De extra eindejaarsuitkering OOP in de schalen 1 t/m 8 wordt met ingang van 2008 verhoogd met 150 euro.

CAO-code t.b.v. loonheffing
1188

Arbeidsvoorwaarden
– Werkdruk: de normjaartaak van 1659 uur blijft ongewijzigd. Met ingang van 1 januari 2009 kan een docent, die binnen het geldende taakbeleid met het maximum aan lesgevende taken is belast, aanspraak maken op één lesroostervrij dagdeel per week.
Iedere docent heeft bij een volledige betrekking aanspraak op drie vrij opneembare verlofdagen per jaar tijdens de periode waarin lessen worden gegeven. Ter compensatie daarvan zal de betreffende docent voor het opgenomen aantal verlofdagen worden opgeroepen voor werkzaamheden direct na het begin en/of voor het eind van de zomervakantie.

In die scholen waar de maximale lestaak van de docent is vastgesteld op 750 klokuren op jaarbasis, wordt dit maximum met ingang van 1 augustus 2009 teruggebracht naar 728 klokuren op jaarbasis, onder handhaving van de overige bepalingen van het geldende taakbeleid; in scholen of organisatorische eenheden met een andere contacttijdregeling vindt een evenredige reductie van de maximale contacttijd plaats, voor zover daarmee de grens van 728 klokuren op jaarbasis niet wordt onderschreden. Deze maatregel kan in overeenstemming tussen werkgever en werknemer op individueel niveau vervangen worden door gelijkwaardige werkdrukbeperkende maatregelen in de niet-lesgebonden taken. Als de uitvoering van deze maatregelen de budgettaire mogelijkheden van de werkgever aantoonbaar overschrijdt kan de werkgever na overleg gevoerd te hebben met de PMR in overleg treden met de bonden om afwijkende afspraken te maken.

Tijdens het schooljaar 2008/2009 worden door de sociale partners acht regionale conferenties georganiseerd voor schoolleiders en medezeggenschapsraden over het thema werkdruk. Schoolleiding en PMR organiseren per school een studiebijeenkomst rond het thema werkdruk voor het gehele personeel, waarvoor sociale partners indien dat door de school gewenst wordt deskundigheid beschikbaar stellen. Deze studiebijeenkomst wordt op een reguliere schooldag georganiseerd, zonder dat de daarbij vervallen onderwijstijd moet worden gecompenseerd.
Een leidinggevende bespreekt in 2008/2009 met iedere werknemer de ervaren werkdruk besproken en zo nodig worden afspraken gemaakt om de individuele werkdruk aan te pakken. De werknemer stelt hiervoor een plan op dat in onderling overleg wordt vastgesteld. Onderdeel van dit plan vormt voor de docenten de invulling van de klokuren die met ingang van het schooljaar 2009-2010 vrijkomen aan lestijd op grond van de maatregel die hierboven onder 4 wordt beschreven. Bij de invulling van die vrijkomende tijd zijn belangrijke aandachtspunten professionaliteit en
kwaliteitsverbetering van de uitvoering van de lesgevende taak.

– Scholingsmiddelen: de werknemer krijgt een trekkingsrecht op scholing van 250 euro in het schooljaar 2008/2009. Dit bedrag wordt verhoogd naar 500 euro voor het schooljaar jaar 2009/2010.

– WGA premie: de huidige WGA-premie (0,29%) komt geheel voor rekening van de werkgever. Wanneer in de komende periode de premie uitstijgt boven de 0,29% is de werkgever gerechtigd om 50% van het meerdere op de werknemer te verhalen.

– Startende docent heeft recht op een reductie van zijn lesgevende taak met 20% gedurende het eerste jaar van de aanstelling. Onder een startende docent wordt verstaan de docent met een eerste reguliere aanstelling in een leraarsfunctie, ongeacht de omvang van de betrekking. De 20% heeft betrekking op de in het taakbeleid van de betrokken school vastgelegde lestaak bij een vergelijkbare aanstelling. Een voorafgaande LIO- of vervangingsaanstelling heeft dus geen beperkende invloed op deze afspraak.

– Onderwijsondersteunend personeel: partijen constateren dat het wenselijk is om ook aan het onderwijsondersteunend personeel meer mogelijkheden te bieden om bij gebleken geschiktheid door te stromen naar hogere functies. Met het oog daarop zullen voor 1 augustus 2009 in FUWA-VO een aantal nieuwe voorbeeldfuncties worden beschreven, die meer carrièreperspectief bieden aan OOP-ers.

Zie voor meer arbeidsvoorwaarden en details het principeakkoord >

Bron: FNV, september 2008

CAO-nieuws
> meer


FlexService – home

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek