loading
views

Hoge Raad: privégebruik auto loopt per kalenderjaar

29 augustus 2008

Uit een arrest van de Hoge Raad is gebleken dat de bijtelling voor het privégebruik van een auto van de zaak dient te worden gebaseerd op de periode dat de auto ter beschikking van de werknemer staat.

Is dat het hele jaar en wordt er op kalenderjaarbasis meer dan 500 kilometer privé gereden, dan is het niet relevant dat de werknemer binnen dat jaar voor kortere tijd de auto niet privé gebruikt.

Intrekking verklaring geen privégebruik auto van de zaak
De werknemer had begin 2006 een verklaring geen privégebruik auto van de zaak aan zijn werkgever geleverd. Per 1 maart 2006 verzocht de werknemer de Belastingdienst de verklaring in te trekken: hij zou vanaf maart 2006 meer dan 500 kilometer privé gaan rijden. De werkgever paste de bijtelling aan per 1 maart, maar de Belastingdienst legde een naheffing over januari en februari op. Het bezwaar en beroep van de werknemer leidde via sprongcassatie tot een oordeel van de Hoge Raad.

Kalenderjaar wettelijk bepaald
De werknemer stelde dat de naheffingsaanslag niet terecht was omdat hij in januari en februari geen voordeel had genoten. Hij kon dat ook aantonen met een sluitende rittenregistratie. De inspecteur bestreed dat niet, maar beriep zich op de wet die voorschrijft dat hij per kalenderjaar twee zaken moet toetsen: de beschikbaarheid van de auto en het kilometrage privékilometers. Zowel de rechbank als de Hoge Raad onderschrijven het standpunt van de inspecteur. De naheffingsaanslag is terecht opgelegd.

Loonbelasting en premieheffing
> meer

Bron: Hoge Raad 44069, 6 juni 2008


FlexService – home

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek