loading
views

Uitzendovereenkomst | Artikel 7:690 e.v. BW

Uitzendovereenkomst | Artikel 7:690 e.v. BW 
De uitzendovereenkomst is de arbeidsovereenkomst waarbij de werknemer door de werkgever, in het kader van de uitoefening van het beroep of bedrijf van de werkgever, ter beschikking wordt gesteld van een derde om krachtens een door deze aan de werkgever verstrekte opdracht arbeid te verrichten onder toezicht en leiding van de derde.



Burgerlijk Wetboek
Over de uitzendovereenkomst zijn nadere bepalingen in het Burgerlijk Wetboek opgenomen. Deze uitzendbepalingen, opgenomen in artikel 7:690, 7:691 en 7:693 BW, zijn tot stand gekomen met de invoering van de Wet flexibiliteit en zekerheid (Flexwet) in 1999.

Uitzendovereenkomst = Arbeidsovereenkomst
Als er sprake is van een uitzendovereenkomst, dan bestaat er tussen de werknemer en werkgever een arbeidsovereenkomst. Het arbeidsovereenkomstenrecht van het Burgerlijk Wetboek en de overige arbeidsrechtelijke wet- en regelgeving zijn dus op de uitzendovereenkomst van toepassing.

Terbeschikkingstelling
Er kan slechts sprake zijn van een uitzendovereenkomst als de werkgever beroeps- of bedrijfsmatig werknemers ter beschikking stelt van derden. Werkgevers die incidenteel een werknemer ter beschikking stellen, kunnen geen gebruikmaken van de uitzendovereenkomst. Terbeschikkingstelling moet plaatsvinden op basis van een door een derde (de inlener) verstrekte overeenkomst van opdracht.

De werkzaamheden van de uitzendkracht moeten plaatsvinden onder leiding en toezicht van een derde (de inlener). Dit wil zeggen dat de werknemer zich moet houden aan de voorschriften van de inlener. Bedrijven die werknemers uitlenen aan derden om daar onder eigen leiding en toezicht te werken (bijvoorbeeld in het kader van een adviesopdracht), vallen dus niet onder de uitzendovereenkomst.

Uitzendbeding
Er kan in een uitzendovereenkomst een uitzendbeding worden opgenomen op grond waarvan de uitzendovereenkomst de eerste 26 weken van rechtswege eindigt wanneer de opdrachtgever verzoekt om een beëindiging van de terbeschikkingstelling. Als dit uitzendbeding is opgenomen, heeft de uitzendkracht ook het recht om de uitzendovereenkomst onmiddellijk te beëindigen. De werkgever kan de uitzendovereenkomst echter niet beëindigen. Meer informatie over het uitzendbeding.

Ketenregeling
Artikel 7:691 lid 1 BW stelt dat in de eerste 26 weken dat de uitzendkracht krachtens de uitzendovereenkomst arbeid verricht de reguliere regels ten aanzien van ketenregeling niet van toepassing zijn. Meer informatie over de ketenregeling.

Verlenging uitzendbeding en ketenregeling
Artikel 7:691 BW biedt de mogelijkheid om bij CAO de periode van 26 weken te verlengen naar maximaal 78 weken. Zowel in de ABU-CAO als de NBBU-CAO is deze periode verlengd tot de maximale 78 weken.

In beide CAO’s  is ook bepaald dat er gedurende de periode van de eerste 78 weken geen loon wordt betaald als er gebruik is gemaakt van het uitzendbeding en er door de werknemer niet wordt gewerkt.

Uitzondering
De regels uit artikel 7:691 BW gelden overigens niet voor uitzendovereenkomsten waarbij de werkgever en de inlener in een groep (concern) verbonden zijn. Hiervan is sprake als de werkgever en inlener in één organisatorische eenheid verbonden zijn. Doel van deze uitzondering is te voorkomen dat ondernemingen profiteren van het bijzondere regime van de uitzendovereenkomst door met een ‘eigen uitzendonderneming’ werknemers ter beschikking te stellen van andere onderdelen van de groep. Een klassiek voorbeeld hiervan is het schoonmaakbedrijf dat een eigen uitzendbureau heeft en alleen maar met zijn eigen uitzendkrachten werkte. Meer informatie over intra-concern uitzenden.

Gerelateerd nieuws


Meer uit deze rubriek