loading
views

Auteurswet

« Wet- en regelgeving « Algemene wetten Auteurswet Volledige wettekst »

   


Reprorecht (verveelvoudigen)
Volgens de Auteurswet moeten alle bedrijven een vergoeding betalen voor het fotokopiëren van auteursrechtelijk beschermde werken zoals kranten, tijdschriften en boeken. De minister van Justitie heeft de Stichting Reprorecht aangewezen om deze ‘reprovergoeding’ jaarlijks te innen en te verdelen onder uitgevers en auteurs. De Stichting Reprorecht, VNO-NCW en MKB-Nederland hebben een akkoord gesloten over het systeem voor de berekening en incasso van deze vergoedingen.
 
De inhoud van de regeling is kort gezegd als volgt:

  • bedrijven zonder fotokopieerapparaat betalen niets;
  • bedrijven met minder dan 20 werknemers betalen jaarlijks een klein vast bedrag;
  • bedrijven met meer dan 20 werknemers betalen een bedrag afhankelijk van het aantal werknemers en de branche.
  • bedrijven kunnen proberen een individuele regeling te treffen als de hoogte van de vaste vergoeding niet in redelijke verhouding staat tot het kopieergedrag.
  • Alle informatie hierover is te vinden op www.reprorecht.nl.
     
    Beeld en geluid (exploitatierechten)
    Voor het draaien van muziek moet meestal een vergoeding worden betaald aan Buma/Stemra en Sena. Voor het afspelen van films en televisieprogramma´s aan Videma.
    Omdat het voor veel auteursrechthebbenden ondoenlijk is om zelf toezicht te houden op de exploitatie zijn er collectieve auteursrechtbureaus in het leven geroepen, zoals
     
    Buma/Stemra en Sena: persoonlijkheidsrechten
    Naast exploitatierechten heeft de maker van een werk persoonlijkheidsrechten. Dit zijn rechten die direct aan de maker zijn verbonden. De rechten zijn niet overdraagbaar en blijven altijd bij de maker. Alleen wanneer de maker de uitoefening van deze rechten uitdrukkelijk bij testament aan iemand anders heeft overgedragen, blijven deze rechten ook na zijn dood bestaan. Door deze rechten kan de maker zich verzetten tegen wijziging of verminking van het werk.
    Geluidsdragers die voor commerciële doeleinden zijn uitgebracht, kunnen zonder toestemming van de producent of uitvoerende kunstenaar worden uitgezonden of op een andere wijze openbaar worden gemaakt. Openbaarmaken is het ten gehore brengen via bijvoorbeeld televisie, radio, discotheken of als achtergrondmuziek in winkelcentra.
    Er moet dan wel een ‘billijke vergoeding’ voor worden betaald. Wordt de vergoeding niet betaald, dan kan de rechthebbende de openbaarmaking verbieden. De vergoeding komt toe aan de uitvoerende kunstenaar of de producent. Als er geen overeenstemming kan worden bereikt over de hoogte van de vergoeding, dan is de rechtbank in Den Haag bevoegd deze vast te stellen. De Stichting ter Exploitatie van Naburige Rechten (SENA) is aangewezen om de exploitatievergoeding te innen en verdelen.
     
    Buma/stemra »
    Sena »
    Videma »
     


    FlexService – home

    Gerelateerd nieuws

    • Geen gerelateerde berichten gevonden.

    Meer uit deze rubriek