loading
views

Is ontslag 65-jarige discriminatie?

13 augustus 2008

Het onderscheid naar leeftijd is objectief en redelijk, wanneer het wordt gerechtvaardigd door een legitiem doel, zoals beëindiging van de arbeidsovereenkomst bij het bereiken van de pensioengerechtigde leeftijd.

Het verplicht uit dienst treden bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd hoeft daarbij niet vooraf te zijn overeengekomen in de cao. Dit stelde de kantonrechter in de zaak van een 65-jarige werkneemster die niet instemde met beëindiging van haar dienstverband.

Casus
De werkneemster is sinds 15 jaar in dienst als assistent orthopedisch schoenmaker; op haar arbeidsovereenkomst is de cao voor de schoentechniek van toepassing. Noch in de cao, noch in de arbeidsovereenkomst, is een bepaling opgenomen die stelt dat de arbeidsovereenkomst eindigt bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd.

Einde dienstverband
De werkgever heeft de werkneemster in de loop van 2007 laten weten dat op haar 65e verjaardag een einde komt aan haar dienstverband. Hiermee heeft de werkneemster niet ingestemd, waarop de werkgever ontbinding heeft aangevraagd bij de kantonrechter.

Geen discriminatie
De kantonrechter stelt dat de ontbinding van de arbeidsovereenkomst vanwege de leeftijd van de werkneemster niet strijdig is met het discriminatieverbod. Er is hier sprake van objectief en redelijk onderscheid naar leeftijd, aangezien de pensioengerechtigde leeftijd is bereikt. Het is niet noodzakelijk dat partijen vooraf zijn overeengekomen dat de arbeidsovereenkomst bij het bereiken van de 65-jarige leeftijd eindigt.

Geen brede consensus pensioenleeftijd
De maatschappelijke discussie die gaande is over een eventuele verhoging van de huidige pensioenleeftijd doet daarbij niet terzake, aangezien er nog geen ook brede maatschappelijke consensus over bestaat. Een rechter moet zich bovendien terughoudend opstellen bij zaken aangaande de wetgevende macht, in verband met de scheiding van de machten.

Ontbinding arbeidsovereenkomst

De kantonrechter heeft de arbeidsovereenkomst ontbonden. De werkneemster ontvangt geen vergoeding, aangezien het inkomensverlies (deels) wordt opgevangen door een AOW-uitkering en een bovenwettelijke pensioenuitkering.

Bron: Kantonrechter Leiden, 16 juli 2008

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek