loading
views
0 reacties
Ruud van Megen

Koers Randstad naar nieuw dieptepunt

Technisch analist en beurssystematicus Ruud van Megen schrijft voor FlexNieuws een periodieke column over de ontwikkeling van de beurskoersen van de Nederlandse uitzenders. Hij schrijft ook columns voor Beursplaza en is directeur van Van Megen Trading, een dienst die twee beurshandelssystemen verhuurt aan een groeiende cliëntèle. In de loop der jaren heeft Van Megen handelssystemen ontwikkeld op basis van technische analyse, (tijds)berekening en patroonherkenning. Deze systemen zijn vanaf 2006 en 2008 voor particuliere beleggers beschikbaar gekomen via twee dagelijkse beursdiensten: AEX Systematisch (korte termijn) en Casino Royale (middellange termijn). X

4 juli 2008

Belegger en AEX-specialist Ruud van Megen schrijft exclusief voor FlexService maandelijks een column over de beurskoersen van uitzenders. Zie ook zijn columns op beursplaza.

De maand juni is een zeer slechte geweest op de Nederlandse beurs, en tevens op alle andere westerse beurzen, en in juli is de afstort meteen verder gegaan. De olieprijs blijft naar nieuwe recordniveaus gaan, en ook andere grondstoffen blijven duur. De stijging van de prijs voor rijst heeft in het voorjaar van 2008 tot oproer geleid in Azië. We hebben grote stijgingen gezien in de prijs van maïs en de prijs van graan. Ook goud bevindt zich nog steeds in een structurele haussemarkt. Zoals u weet wordt goud door regeringen en investeerders aangehouden als ‘verzekering’ tegen inflatie.

Voor de waardering van aandelen is inflatie niet altijd slecht; in ieder geval is deflatie veel nadeliger. En deflatie is eigenlijk het doemscenario dat altijd gepaard gaat met de eindfase van een grote economische cyclus. Een dergelijke cyclus bestrijkt meer dan 50 jaar. We mogen aannemen dat de huidige ‘grand cycle’ gestart is in de jaren ‘40 van de vorige eeuw, nog tijdens de Tweede Wereldoorlog dus. Vele beurspiskijkers die deze cyclustheorie aanhangen, gaan er vanuit dat we ons nu in de neergaande fase bevinden. Die neergaande fase ziet er in de cyclustheorie altijd hetzelfde uit: de basis is een schuldencrisis. In de periode van economische expansie is er te veel geleend, en daarvoor moet nu de prijs worden betaald. Centrale banken proberen het schuldprobleem voor zich uit te schuiven door de rente te verlagen. Desnoods stelt men de rente op 0. Feitelijk betekent dit dat men gewoon geld blijft bijdrukken. Er wordt alles aan gedaan om inflatie te veroorzaken, want inflatie is te prefereren boven de gevreesde deflatie. Als ook lage rentes niet meer helpen om de economie op gang te houden, kan de schuldencrisis niet ‘opgelost’ worden. Burgers, bedrijven en regeringen kunnen schulden immers alleen aflossen wanneer ze voldoende inkomen genereren om af te kunnen betalen. Dus moet de economie groeien. Als het niet meer lukt om het vliegwiel op gang te houden, begint deflatie te ontstaan. Huizen worden minder waard, goederen worden minder waard, diensten worden minder waard. Grondstoffen zouden in theorie duur kunnen blijven, als ze schaars genoeg zijn. Maar als niemand meer een hoge prijs kan betalen voor olie, zal ook die prijs moeten dalen, en hetzelfde geldt voor de prijzen voor voedingsmiddelen en de grondstoffen voor die voedingsmiddelen.

Dit is de gevreesde deflatiespiraal, die kan ontstaan in de eindfase van een economische cyclus. Iedere eindfase is tevens een beginfase, dus deze crisis aan het eind van de cyclus is een nieuw begin. Als de theorie juist zou zijn dat we ons nu in deze fase bevinden, mogen we erop rekenen dat we een grote transformatie gaan zien. In vrij korte tijd zou er een revolutie kunnen plaatsvinden op energietechnisch gebied; het machtsevenwicht op aarde zou kunnen verschuiven, van de Verenigde Staten van Amerika naar – bijvoorbeeld – China en/of Europa. De laatste cyclus mondde dus uit in de Tweede Wereldoorlog. Maar niet altijd is een grote oorlog de onvermijdelijke uitkomst van een dergelijke crisis. Dat het economisch grimmig zal worden is echter wél onvermijdelijk.

De feiten
Vanuit deze grote ‘theorie’ zoomen we in op de stand van zaken in de uitzendsector. Vandaag kijken we naar Randstad. Voordat we de grafiek bekijken, het laatste nieuws. UBS, de grote Zwitserse bank, heeft het koersdoel van Randstad verlaagd naar € 28,00. Zoals gebruikelijk komt de mosterd na de maaltijd. Nu het aandeel gedaald is, kan het koersdoel omlaag. Als reden wordt gegeven dat Randstad minder winst zou kunnen gaan maken nu het economisch slechter gaat op zijn thuismarkt in de Benelux.

Mijn koersdoel op Randstad zal stukken lager zijn, want de neerwaartse beweging is nog allerminst afgesloten. Waar het precies zal bodemen is niet zo belangrijk. Hoofdzaak is dat we nu niet in het aandeel mogen investeren.

Een aandeel Randstad heeft momenteel een koerswinstverhouding van 6,43. Het dividendrendement is opgelopen tot 5,90. Dat dat niet veel hoeft te zeggen bewees Fortis afgelopen week. Machtig mooi dividendrendement, maar ja, de aandeelhouders kregen te horen dat ze het uitgekeerd zullen krijgen in aandelen. Fortis had geld nodig, en niet zo’n klein beetje.

Maar als Randstad dit dividend daadwerkelijk ook volgend jaar kan uitbetalen, kan een spaarrekening er niet tegen op.

Over naar de grafiek:

Maandgrafiek

Kunnen we aan de grafiek van Randstad al de hel en verdoemenis aflezen die gerelateerd kan zijn aan de bovengenoemde cyclustheorie? Dat kan best. Vanaf de top is de daling zó straf geweest per saldo, dat wanneer het in dit tempo doorgaat, een koers van € 10,00 voor Randstad niet ondenkbaar is. Maar zoals altijd probeer ik goed te kijken naar de golfstructuur.

De maandgrafiek is er duidelijk over dat we ons in het laatste deel van deze koersbeweging bevinden, de zogenaamde ‘vijfde golf’. Dat zou goed nieuws kunnen zijn, want een vijfde golf is de laatste, en de bodem daarvan kan de start zijn van een grotere beweging omhoog. Het is nu echter te vroeg om daar op vooruit te lopen, want de golf kan nog heel groot worden en de beurskoers van Randstad nog vele kopjes kleiner maken. De weekgrafiek en de daggrafiek kunnen gebruikt worden voor de speculant om preciezer vast te stellen waar we ons bevinden. Over dus naar de weekgrafiek.


Weekgrafiek

Op de weekgrafiek zien we meer in detail hoe de verkopers in Randstad zich gedragen hebben. Met zijn allen hebben ze in het voorjaar voor een correctief herstel gezorgd, en vanaf begin april is de laatste golf naar beneden gestart. Die heeft eerst ook weer lang ‘stilgestaan’, namelijk in april en mei. Bij deze periode van stilstand kon de speculant in de waan blijven dat er verder herstel kon komen, zónder dat de neerwaartse trend in gevaar kwam. Dit is echter niet gebeurd. In plaats daarvan heeft de trendmatige daling zich voortgezet.

Deze grafiek is van 30 juni. Maar op 3 juli, de dag dat ik dit artikel schrijf, heeft Randstad koersen onder de € 20,00 bereikt. Dat is logisch, want de fase waarin de trend zich nu bevindt is die van de consensus: de zogenaamde ‘derde beweging’ is bezig. De beleggers zijn het erover eens dat er verkocht moet worden, en zo komt een versnelling tot stand. Deze ‘derde beweging’ wordt gevolgd door een vierde beweging omhoog. Dat is de fase waarin vele beleggers denken dat de bodem gevonden is. Ze stappen in, om uiteindelijk toch nog verrast te worden door de zogenaamde vijfde golf. Deze indeling is bij een stevige trend altijd op alle niveaus zichtbaar. We zijn dus in de vijfde beweging nu, maar die is op zich ook weer onderverdeeld in subgolven. We bevinden ons nu in de fase waarin de belangrijkste versnelling plaatsvindt.

Net als de AEX zelf heeft Randstad nu nieuwe dieptepunten bereikt voor deze golfbeweging en voor het jaar. De uitzendsector loopt nu dus niet meer vooruit op de rest van de beurs, maar gaat gelijk op: naar beneden.

Momenteel zijn er zoals altijd optimisten en pessimisten. Het investeringsklimaat is slecht, maar de optimisten menen dat het ergste leed nu geleden is qua kredietcrisis, en dat de beurzen zullen gaan herstellen, daarmee vooruit lopend op een herstel in de economie. Ik behoor bij de pessimisten. Met mijn methodiek kan ik niet anders dan vaststellen dat de effectenmarkt een hete zomer tegemoet gaat. De markt heeft een lange-termijn verkoopsignaal gegeven zoals ik er naar kijk, en sinds die vaststelling is de AEX-index alweer 8% verder gedaald, in sneltreinvaart. Het langetermijn-verkoopsignaal bleek dus ook een kortetermijn-verkoopsignaal. Randstad had het langetermijn-verkoopsignaal veel eerder gegeven, vele maanden geleden, en dat is interessant. Want ook bij de dalende markt van 2000 – 2003 liep de uitzendsector vooruit op de markt als geheel: er werd eerder een top gevormd, maar ook eerder een bodem.

Conclusie: momenteel is de uitzendsector nog steeds geen interessante belegging, tenzij u houdt van een neerwaarts gerichte positie in derivaten. Dat hoeft geen slecht idee te zijn, want het leed op de beurs is nog niet geleden, en dus ook niet in Randstad. Geen goed nieuws, maar er is op de beurs altijd geld te verdienen. Als het niet omhoog kan, dan maar omlaag.

Ruud van Megen

Van Megen Trading
www.beursplaza.nl

Eerdere columns

11 juni 2008 De Nederlandse uitzenders in juni 2008
14 mei 2008 Randstad en zwakke economie Amerika
3 april 2008 De beurskoers van DPA Flex
9 maart 2008 Brunel Revisited
8 februari 2008 De beurskoers van USG People
8 januari 2008 De beurskoers van Randstad
8 december 2007 Randstad en Vedior

12 november 2007 De beurskoers van Brunel

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek