loading
views

Jurisprudentie: verzwijgen van bijbaan

Augustus 2007

Werken tijdens ziekte
Een werkneemster van Fortis is bij brief van 24 december 2004 op staande voet ontslagen wegens het zonder toestemming van Fortis voor gemiddeld 20 uur per week verrichten van betaalde neven-werkzaamheden tijdens haar arbeidsongeschiktheid. Fortis rekent dit de werkneemster zeer zwaar aan, met name vanwege de vertrouwelijkheid die haar functie (medewerker Beheer en Contractadministratie Consumptief Krediet) met zich meebrengt.

Ontslag op staande voet
In zijn vonnis van 6 december 2005 heeft de kantonrechter te Amsterdam het door Fortis gegeven ontslag op staande voet rechtsgeldig geoordeeld. De werkneemster laat het hier niet bij zitten en gaat in hoger beroep bij het Gerechtshof Amsterdam. Werkneemster stelt zich hierbij op het standpunt dat het ontslag nietig is en vordert vernietiging van het ontslag en doorbetaling van haar salaris tot 1 december 2005, de datum met ingang waarvan de kantonrechter de arbeidsovereenkomst tussen partijen ‘voor zover vereist’ heeft ontbonden.

Vertrouwensbreuk
Het Hof is van oordeel dat uit de brief van Fortis duidelijk blijkt dat de vertrouwensbreuk van cruciaal belang is geweest bij de beslissing om de werkneemster op staande voet te ontslaan. Fortis heeft niet, zoals de werkneemster beweert, het ontslag gebaseerd op het enkele feit dat zij zonder toestemming nevenwerkzaamheden heeft verricht.

Bijbaan verzwegen
De bijkomende omstandigheid is dat werkneemster in de periode dat zij als gevolg van privé-omstandigheden ziek was gemeld, wel is begonnen met het uitoefenen van een betaalde bijbaan voor een aanzienlijk aantal uren per week, aldus het Hof. Dat werkneemster onder deze omstandigheden die bijbaan heeft verzwegen, terwijl zij in verband met haar ziekmelding wel met functionarissen van het bedrijf over allerlei privé-aangelegenheden heeft gesproken, valt haar volgens het Hof zwaar aan te rekenen. Hiermee heeft werkneemster naar de mening van het Hof Fortis de kans ontnomen te bezien of de grote werkkracht die zij ondanks haar ziekmelding nog bleek te bezitten, niet op andere wijze dienstbaar gemaakt kon worden aan Fortis, die immers haar salaris gedurende de ziekte moest doorbetalen. Dat het vertrouwen van Fortis in haar werkneemster hierdoor ernstig is geschokt, acht het Hof dan ook alleszins begrijpelijk. Het feit dat de integriteit van werkneemster in de voorafgaande periode bij Fortis nooit ter discussie heeft gestaan, doet hier niet aan af, aldus het Hof. Het Hof bekrachtigt het vonnis van de kantonrechter dan ook.

Bron: Rechtspraak.nl LJN-nr BA9979

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek