loading
views

Meenemen vakantiedagen

1 juni 2007       

Hoe kunnen werkgevers voorkomen dat werknemers teveel vakantiedagen sparen en meenemen naar het volgende jaar? In de wet is vastgelegd dat een werkgever dit niet kan verbieden. Er zijn enkele andere mogelijkheden om reservoirs van vakantiedagen te vermijden.

Het oppotten van vakantiedagen kan riskant zijn voor de werkgever. Als een werknemer zijn dienstverband opzegt en snel stopt met werken om zijn tegoed aan vakantiedagen op te maken, bestaat het gevaar dat de werkzaamheden niet goed worden afgerond of er onvoldoende tijd is om een nieuwe medewerker in te werken. Ook kan de werkgever plotseling voor een hoge afrekening worden gesteld van niet opgenomen vakantiedagen. Daarnaast is het een zaak van verstandig beleid ervoor te zorgen dat werknemers periodiek rusten en vakantie nemen om oververmoeidheid of mogelijke arbeidsongeschiktheid tegen te gaan.

Wat zegt de wet hierover?
In de wet staat dat vakantiedagen verjaren na verloop van vijf jaren na de laatste dag van het kalenderjaar waarin de aanspraak is ontstaan. Van deze wettelijke regeling mag niet worden afgeweken. In de rechtspraak is bepaald dat vakantiedagen in dezelfde volgorde moeten worden opgemaakt, als waarop ze zijn opgebouwd. De oudste vakantiedagen worden dus eerst opgenomen.

Mogelijkheden voor werkgever
Wat kan een werkgever doen om te voorkomen dat teveel vakantiedagen worden opgespaard? Hij kan schriftelijk vastleggen in welke periode de werknemer vakantie op dient te nemen, bijvoorbeeld in de zomerperiode wanneer het bedrijf gesloten is. Verder kan de werknemer worden verplicht om binnen een bepaalde periode vakantiedagen op te nemen, bijvoorbeeld in de maanden juni, juli en augustus. Daarnaast kan de werkgever de werknemer verbieden vakantie op te nemen tijdens een jaarlijks terugkerende drukke periode binnen het bedrijf.

Bovenwettelijke vakantiedagen afkopen
Werkgevers kunnen verder nog speciale afspraken maken over bovenwettelijke vakantiedagen. Dat zijn vakantiedagen die uitgaan boven het wettelijk minimum. Het minimum aantal vakantiedagen wordt bepaald door het aantal dagen waarop de werknemer per week moet werken. Dit wordt vermeningvuldigd met vier. Bij een vijfdaagse werkweek is de minimumaanspraak dus twintig vakantiedagen. Als de arbeidsovereenkomst of cao recht geeft op meer dagen per jaar, bijvoorbeeld vierentwintig vakantiedagen, dan zijn daarvan vier bovenwettelijk. Eventueel kunnen bovenwettelijke dagen per jaar worden afgekocht, als daar vooraf schriftelijke afspraken over zijn gemaakt.

Bron: FlexService Solutions, 1 juni 2007

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek