loading
views

Nieuwe arbeidstijdenwet, minder regels

2 april 2007

In de nieuwe, vereenvoudigde Arbeidstijdenwet staan minder regels, bijvoorbeeld voor het maximum aantal uren dat iemand mag werken en voor nachtarbeid. Die versoepeling biedt werkgevers en werknemers de vrijheid zelf meer afspraken te maken over de invulling van arbeidstijden en pauzes.

Van de twaalf verschillende regels voor maximale arbeidstijden, zijn er in de nieuwe Arbeidstijdenwet nog maar vier over. De standaard- en overlegregeling is vervallen: behalve voor het aantal nachtdiensten, geldt in de nieuwe wet nog maar één norm. Ook gelden er geen aparte regels meer voor overwerk.

De vier regels voor de maximum werktijd zijn

  • 12 uur per dienst;
  • 60 uur per week; 
  • In een periode van 4 weken mag een werknemer gemiddeld 55 uur per week werken(220 uur); 
  • en gemiddeld 48 uur per 16 weken (768 uur)

Pauze
Werkgevers en werknemers kunnen samen afspraken maken over het aantal pauzes en het tijdstip daarvan. Deze afspraken moeten schriftelijk vastgelegd worden in de personeelsgids of het arbeidsreglement. In een collectieve regeling kunnen afspraken worden gemaakt over minder of kortere pauzes, maar in elk geval geldt:

  • Minimaal 30 minuten pauze als een werknemer langer werkt dan 5,5 uur. De pauze mag worden gesplitst in twee keer een kwartier;
  • Minimaal 45 minuten pauze als een werknemer langer werkt dan 10 uur. Die mag worden gesplitst in meerdere pauzes van minimaal een kwartier.

Zondagswerk
Werknemers hoeven in beginsel niet op zondag te werken, ténzij het soort werk dit noodzakelijk maakt, zoals in de horeca of industrie. De werkgever moet dit dan expliciet afspreken met de werknemers. Als bedrijfsomstandigheden zondagswerk noodzakelijk maken, moet de werkgever eerst overeenstemming bereiken met de personeelsvertegenwoordiging. De werknemer moet er bovendien ook zelf mee instemmen.
Werknemers hebben recht op minimaal 13 vrije zondagen per jaar. Hiervan kan alleen van worden afgeweken in overleg met de personeelsvertegenwoordiging en de werknemer(s) zelf.

Nachtdiensten
Als er wordt gewerkt tussen 00.00 uur ’s nachts en 06.00 uur ’s ochtends, is er sprake van nachtdienst. Hiervoor gelden strengere regels dan voor dagdiensten.

  • Een nachtdienst mag maximaal 10 uur duren;
  • Voor werknemers die regelmatig nachtdiensten draaien, mag de werkweek over een periode van 16 weken gemiddeld niet meer dan 40 uur bedragen. Na één of meer nachtdiensten geldt een langere rusttijd (voor werknemers die incidenteel een nachtdienst draaien geldt hetzelfde als voor dagdiensten: gemiddeld 48 uur werken per week).
  • Per 16 weken mag een werknemer maximaal 36 nachtdiensten draaien (totaal 117 nachtdiensten). Alleen bij collectieve regeling (cao of een schriftelijke overeenstemming tussen werkgever en medezeggenschapsorgaan) mag dit aantal verhoogd worden tot 140 nachtdiensten per jaar.

Consignatie en aanwezigheidsdienst
Werknemers die niet op de werkplek aanwezig zijn kunnen opgeroepen worden om aan het werk te gaan. In de Arbeidstijdenwet heet dit consignatie. De tijd dát een werknemer kan worden opgeroepen, geldt niet als werktijd. Dit is wel het geval als de werknemer wordt opgeroepen. Voor een oproep staat minimaal een half uur werktijd. Naast consignatie bestaan er nog twee vormen van ‘bereikbaar zijn’, namelijk de bereikbaarheidsdienst en aanwezigheidsdienst. In geval van een aanwezigheidsdienst moet de werknemer op de werkplek blijven. Voor deze diensten geldt een bijzondere regeling.

Bron: SZW, 2 april 2007

Gerelateerd nieuws

  • Geen gerelateerde berichten gevonden.

Meer uit deze rubriek